Snurken

Laatst bijgewerkt: November 2015

dossier Snurkgeluiden ontstaan door een vernauwing in de luchtweg tussen de neus en de stembanden. Meestal gaat het om een vernauwing van de huig (de overgang van de neus- naar de keelholte) of het gedeelte van de keelholte achter de tong ten gevolge van de spierverslapping tijdens de slaap. Tevens kan, vooral wanneer men op de rug ligt, de tong naar achter zakken, waardoor de ruimte nog verkleind wordt.

koppel-slapen-snurk170_400_05.png

Door deze vernauwing ontstaat bij het inademen een onderdruk in de keel waardoor het zachte gehemelte met de huig, de tong en de wanden van de keelholte naar elkaar worden gezogen en gaan trillen. Je kan het vergelijken met het leeglopen van een ballon waarbij de lucht door de smalle opening wordt geperst die daardoor gaat trillen en een snerpend geluid maakt.

Wanneer het snurken gepaard gaat met het (kortstondig) stilvallen van de ademhaling, spreekt men van een slaapapneusyndroom. Dit stilvallen kan zeer frequent voorvallen zodat de slaap ernstig verstoord wordt. Hierdoor ontstaat een ondiepe slaap waardoor de snurker zelf last kan krijgen van hoofdpijn, vermoeidheid en concentratiestoornissen. Ook kunnen allerlei gezondheidsproblemen (hartklachten) ontstaan.

zie ook artikel : Slaapapneu

Wie snurkt?

Snurken komt voor op alle leeftijden maar neemt toe met de leeftijd door een verdikking van het slijmvlies in de keelholte door een toename van vetweefsel en door een verslapping van slijmvlies en huid. Naar schatting snurkt ongeveer één op tien kinderen. Op volwassen leeftijd snurken ongeveer één op vijf mannen en één op tien vrouwen. Snurken komt dus tweemaal meer voor bij mannen dan bij vrouwen.

Risicofactoren

Er bestaan een aantal factoren die het snurken kunnen bevorderen. Het gaat om elementen die de luchtweg tussen de neusingang en de stembanden nauwer maken.
• In sommige families komt snurken veel en op jongere leeftijd voor. Waarschijnlijk ligt dit aan een erfelijk bepaalde nauwe keelholte.
• Overgewicht (Body Mass Index, dit is het gewicht gedeeld door het kwadraat van de lengte in meter, boven 25). Hierdoor kan een vetopstapeling ontstaan rond de keel waardoor deze te smal wordt en de weefsels aangezogen worden.
• Een te slap, te lang of te dik verhemelte en/of een te lange huig
• Te grote amandelen (vooral bij kinderen), te grote tong, naar achter geschoven onderkaak, een korte en dikke nek...
Spierverslapping ten gevolge van slaap- en kalmeermiddelen, andere slaapverwekkende geneesmiddelen, alcohol, oververmoeidheid...
• Slapen op de rug: hierdoor zakken het zachte gehemelte, de huig en de tong naar achteren.
• Voortdurende irritatie van de keel door roken of brandend maagzuur kan de wand van de keelholte verdikken en de doorgang nauwer maken.
• Ademen door de mond
• Een te nauwe neusholte of neusverstopping door zwelling van het neusslijmvlies (bij verkoudheid en allergie), door poliepen (dit zijn met vocht gevulde uitstulpingen van het neusslijmvlies) of door scheefstand van het neustussenschot, waardoor een te lage luchtdruk ontstaat in de keelholte bij het inademen.

zie ook artikel : Slaapproblemen

zie ook artikel : Ontsteking van de keelamandelen (tonsillitis)

Wat kan je zelf doen?

man-snurken.jpg
Met bepaalde maatregelen kan je het snurken verminderen.
• Vermijd alcoholgebruik vanaf twee uur voor het slapen.
• Gebruik geen zware maaltijd vlak voor het slapen.
• Stop met roken.
• Streef naar een goed lichaamsgewicht door gezond te eten en voldoende te bewegen.
• Zorg voor een regelmatig leefpatroon, waarbij eventuele slaap-middelen en kalmerende middelen niet meer nodig zijn.
• Middeltjes zoals kinbanden om de mond gesloten te houden, pleisters om de neus open te houden, elektrische apparaatjes die een stroomstootje geven als het snurken begint (zoals 'Snurkstop'), mondbeugels, een tennisbal in de rug van de pyjamajas naaien om te voorkomen dat de snurker op de rug gaat liggen, ... hebben meestal weinig effect, maar hebben wel soms tot gevolg dat de snurker slecht slaapt en overdag moe is.

zie ook artikel : Slaperigheidstest

zie ook artikel : Slaapapneu-test

Behandeling

De behandeling van snurken is uiteraard afhankelijk van de preciese oorzaak.
Naast de hygiënische maatregelen (zoals geen alcohol voor het slapengaan, afslanken, geen slaap- of kalmeermiddelen, niet slapen op de rug...) kan bij ernstige klachten de oorzaak worden weggenomen, al dan niet door een operatie.
Ligt de oorzaak in de neus (bv. een scheef neustussenschot, poliepen...) dan kan dit meestal operatief opgelost worden. Bij kinderen (en soms ook bij volwassenen) kan het snurken worden opgelost door keel- en/of neusamandelen te verwijderen.
Meestal moet de oorzaak echter gezocht worden in een te nauwe overgang van de neus- naar de keelholte. In dat geval bestaan een aantal heelkundige technieken.

grote-huig.jpg

Huig die te 'groot' is

• Uvulo-palato-pharyngo-plastiek (UPPP). Hierbij worden het huigje (uvula), het zachte gehemelte (palatum molle) en het eerste deel van de keel (pharynx) van vorm veranderd (plastiek). Bij UPPP worden de huig en, indien nog aanwezig, de keelamandelen verwijderd. Verder wordt het zachte gehemelte 'gereefd'; min of meer zoals dat ook bij een zeil van een schip gebeurt, waardoor het volume van het gehemelte afneemt door er een reepje tussenuit te halen. Deze ingreep gebeurt polyklinisch. Hij kan ook met een laser worden uitgevoerd ('laser-assisted-uvulo-plastiek' of LAUP). Bij 9 op 10 mensen verdwijnt hierdoor het snurken. Het kan na verloop van tijd wel terug optreden. Voornaamste nadeel van deze ingreep is de erge pijn bij het slikken tijdens de eerste weken.
• Gecontroleerde littekenvorming (somnoplastiek). Hierbij wordt de huig en het zachte gehemelte stijver gemaakt met behulp van naalden die via elektrodes worden verhit. Deze ingreep is minder pijnlijk dan UPPP, maar de resultaten zijn minder goed.
Wanneer het snurken ontstaat aan de achterzijde van de tong of het strottenklepje, dan kan via gelijkaardige technieken een stukje van de tong worden verwijderd of kan door gecontroleerde littekenvorming de achterkant van de tong stijver worden gemaakt.

• Er bestaat tegenwoordig ook een soort prothese (Mandibulair repositie apparaat of MRA) die over de tanden wordt geschoven en die de onderkaak naar voren houdt tijdens het slapen. Omdat de tong vastzit aan de onderkaak, blijft de tong beter op zijn plaats en zakt minder gemakkelijk in de keel. Er bestaan verschillende modellen van deze MEA die bij zeven op tien mensen zou werken. Nadeel is dat ze elke nacht moet worden gedragen, dat ze pijn kan veroorzaken en dat ze niet kan worden gebruikt bij mensen met een kunstgebit.



verschenen op : 02/10/2003 , bijgewerkt op 01/11/2015
pub

Blijf op de hoogte!

Schrijf je in op onze nieuwsbrief:

Nee, bedankt