Hormoontherapie in de menopauze in ere hersteld

Laatst bijgewerkt: oktober 2018
123-vr-ouder-herfst-menop-2-10-18.png

nieuws Na twaalf jaar diskrediet, als gevolg van een onterechte veralgemening van vertekende analyse van de eerste resultaten van de WHI-studie, wordt hormonale substitutietherapie in de menopauze op basis van nieuw onderzoek in ere hersteld. Dat schrijft gynaecoloog Marc l'Hermite van het UVC Brugman in Brussel in het tijdschrift Gynaikeia.

• Hormonale behandeling verlaagt het risico op hart- en vaatziekten als ze voor de leeftijd van 60 jaar en minder dan 10 jaar na de menopauze wordt gestart.

• Een vroeg tekort aan oestrogenen (voor de leeftijd van 45 jaar) verhoogt de kans op hartinfarcten. Bij een vroeg en/of langdurig oestrogeentekort is hormonale therapie aangeraden tot de leeftijd waarop de menopauze gewoonlijk intreedt (50-52 jaar). Als de patiënte een hysterectomie heeft ondergaan, worden alleen oestrogenen gegeven (het progestageen dient enkel om het endometrium te beschermen).

• Hormonale therapie is de enige behandeling waarvan is aangetoond dat ze een effect heeft op typische menopauze-klachten zoals warmteopwellingen. Het wordt aanbevolen de laagst efficiënte dosis te gebruiken, gedurende een zo kort mogelijke tijd. Lichte vasomotorische symptomen verdwijnen vaak spontaan na enkele maanden. Matige tot ernstige symptomen daarentegen kunnen 5-10 jaar en zelfs nog langer aanhouden.

• Hormoontherapie kan osteoporotische fracturen voorkomen. Dat effect vermindert weliswaar na stopzetting van de behandeling.

• Hormoontherapie zou de kans op diabetes en van recidiverende urineweginfecties, en mogelijk ook van colorectale kanker en van osteoarthritis kunnen verlagen. Indien de hormoontherapie binnen 5 jaar na de menopauze wordt gestart, zou het risico op Alzheimer met ongeveer 30% dalen.

• Hormoontherapie (zonder progestageen) verhoogt het risico op borstkanker niet.


bron: www.vvog.be/artikel?id=31207860,sectie=spider
verschenen op : 13/11/2014 , bijgewerkt op 16/10/2018


pub