Zwangerschapsproblemen: Meconium in het vruchtwater

Laatst bijgewerkt: augustus 2019

dossier De eerste ontlasting die een baby produceert, wordt meconium genoemd. Onder normale omstandigheden wordt het meconium na de geboorte uitgescheiden wanneer het kind begint te drinken. Soms produceert de baby meconium voor de bevalling en komt het in het vruchtwater terecht. Dat is waarschijnlijk een gevolg van stress bij de baby, bijvoorbeeld door een verminderde zuurstoftoevoer. Het vruchtwater krijgt dan een bruingroene kleur.

p-meconiumrest-navelstr-170-08.jpg

Navelstreng verkleurd door meconium

Naarmate de duur van de zwangerschap toeneemt, neemt ook de kans op meconium in het vruchtwater toe. Bij een vroeggeboorte is die kans ongeveer 5 procent, bij een normale, bij een geboorte binnen de normale termijn kan dat oplopen tot meer dan 20 procent, bij een geboorte over tijd (na 42 weken) zelfs tot 50 procent.

Risico’s voor moeder en kind

Meestal is meconium in het vruchtwater geen probleem voor de gezondheid van de baby, zeker wanneer de zwangerschap voor de rest normaal is verlopen, en zal de bevalling normaal kunnen verlopen. Toch zal de zwangerschap en de bevalling extra opgevolgd worden omwille van de mogelijke risico’s. Zo zal de conditie van de baby opgevolgd worden met cardiotocografie (CTG). Hiermee worden (veranderingen in de) de hartslag van de foetus en bewegingen in de baarmoeder gemeten.

Indien de conditie van de foetus achteruitgaat, zal de bevalling onmiddellijk ingeleid worden. Ook wanneer de vliezen voortijdig gebroken zijn zonder dat er weeën optreden (PROM), zal de bevalling ingeleid worden (ook als er nog geen meconium in het vruchtwater zit).

• Meconiumhoudend vruchtwater verhoogt de kans op infectie van de vliezen en de vruchtzak (chorioamnionitis) en op een baarmoederontsteking (endometritis).

• Wanneer de baby tijdens de weeën en de geboorte naar adem hapt of inademt, kan het meconiumhoudende vruchtwater in de longen terecht komen (meconiumaspiratie). Dit kan ademnood veroorzaken en kan ook tot ernstige ademhalingsproblemen leiden (Meconiumaspiratiesyndroom of MAS). Dit komt voor bij naar schatting zo’n 5 à 10 procent van de zuigelingen met meconium in het vruchtwater.

Er is een verband tussen MHV en slechte perinatale uitkomsten, waaronder lage Apgarscores, foetale acidose, Meconium Aspiratie Syndroom (MAS) en perinatale sterfte

• Het verhoogt de kans op een keizersnede en op perinataal overlijden.

Meconiumaspiratiesyndroom (MAS)

p-aspir-mecon-vw-170-08.jpg
Het meconiumaspiratiesyndroom ontstaat door het diep inademen van meconiumhoudend vruchtwater vlak voor of tijdens de bevalling. Dit kan ernstige tot zeer ernstige ademhalingsproblemen veroorzaken.

Symptomen

• Moeite met ademhalen en/of snelle ademhaling
het onderste deel van de borstkas intrekt bij inademen en kreunende geluiden maakt bij uitademen
• Trage hartslag
• Cyanose (blauwverkleuring)
• De APGAR-score die na de geboorte bepaald wordt, is te laag.

Mogelijke risico’s
Het inademen van meconium kan de luchtwegen gedeeltelijk of volledig afsluiten en de uitwisseling van zuurstof en kooldioxide beletten.

• Tekort aan zuurstof (hypoxie) vlak voor of tijdens de bevalling, of in de eerste uren na de geboorte.
• De longen kunnen zich overmatig uitzetten en ineenklappen (pneumothorax).
• Verhoogde druk in de longvaten (Pulmonale hypertensie).
• Ontsteking van de longen (pneumonitis).
• Hersenbeschadiging door een tekort aan zuurstof. Dit kan ook leiden tot convulsies.
• Mogelijk meer kans op astma op latere leeftijd.
• Verhoogd risico op perinatale sterfte. De mortaliteit van MAS is gemiddeld 12% en varieert tussen de 5 en 40%.

Behandeling

• Wanneer bij de bevalling meconium in het vruchtwater wordt aangetroffen, wordt de mond- en keelholte van de baby direct na de geboorte uitgezogen.
• Het uitzuigen van de mond- en keelholte tijdens de bevalling, na de geboorte van het hoofd en voor de geboorte van de schouders, wordt afgeraden. Deze praktijk werd tot voor kort op grote schaal toegepast.
• Bij ‘niet-levendige’ baby’s (met een zwakke ademhaling en trage hartslag) wordt aanbevolen om het meconium na de geboorte uit de lagere luchtpijp te zuigen. Indien nodig zal ook een buisje in de luchtpijp worden gebracht (intubatie) om de luchtweg te beveiligen.
Bij ‘levendige’ kinderen zonder tekenen van ademnood, is dit niet nodig.
• Indien nodig zal de baby extra zuurstof krijgen of kunstmatig beademd worden.
• De kinderen worden minstens gedurende 8 tot 24 uur nauwlettend geobserveerd omdat de ademhalingsproblemen soms pas na enkele uren optreden.

Bronnen :
www.knov.nl


www.ntvg.nl



verschenen op : 11/09/2014 , bijgewerkt op 28/08/2019


pub