Meten bij kinderen is niet altijd weten

Laatst bijgewerkt: augustus 2014
123-labo-stick-urine-glucose-ew-170-08.jpg

nieuws Binnen de kindergeneeskunde zijn veelgebruikte metingen en procedures vaak onprecies en amper nuttig. Dat blijkt uit onderzoek van de universiteit Groningen in het Amalia kindercentrum van Isala (Zwolle).
De studie bekeek het nut en de precisie van vijf metingen en procedures die binnen de kindergeneeskunde vaak worden toegepast: het meten van glucose in de urine uit luiers van pasgeborenen met behulp van teststrips, de diagnostische waarde van klinische symptomen bij het opsporen van ernstige infecties bij prematuren, de vochtbalans bij zieke pasgeborenen, de beoordeling van de mate van benauwdheid bij kinderen en het gebruik van virale tests bij de luchtweginfectie bronchiolitis.

Uit haar onderzoek bleek dat alleen de glucosetest betrouwbaar zijn. De andere metingen en procedures waren onvoldoende precies of onvoldoende nuttig. Als er vooraf niet veel kans is op ziekte, leidt aanvullend onderzoek bijvoorbeeld niet tot minder ongerustheid of minder klachten bij de patiënt dan wanneer de metingen of procedures niet worden uitgevoerd.
Bovendien mogen artsen volgens de studie niet uit het oog verliezen dat elke meting schadelijk kan zijn voor patiënten, zeker als het een invasieve meting betreft. Ook wijst ze op de kosten die aan elke meting verbonden zijn en op het risico op vals-positieve uitslagen.






pub