Europese vaccinatieweek: Bent u zwanger? Praat dan met uw arts over vaccinaties.

Laatst bijgewerkt: april 2014
logo-europ-vaccweek-170.JPG

nieuws Bent u zwanger? Laat u dan vaccineren

Bent u zwanger? Praat dan met uw arts over vaccinaties.
Sommige vaccins worden namelijk sterk aanbevolen tijdens de zwangerschap om zowel uzelf als uw baby te beschermen. De bescherming van uw baby begint op die manier al vóór de bevalling. De vaccinatie zorgt er ook voor dat uw baby de eerste maanden na de geboorte beschermd blijft, in afwachting van zijn eigen weerstand die hij vanaf acht weken opbouwt door vaccinaties.

Welke vaccinaties mogen worden toegediend tijdens de zwangerschap?

Aanbevolen vaccins:

Kinkhoest (Pertussis):
Als u zwanger bent, laat u zich het best vaccineren tussen week 24 en 32 van uw zwangerschap. U krijgt dan een combinatievaccin dat ook bescherming biedt tegen tetanus en difterie (Boostrix). U maakt dan antistoffen aan die via de navelstreng ook aan uw baby worden doorgegeven, vooral vanaf week 30 van de zwangerschap. Bij vaccinatie vóór de zwangerschap gaan er minder antistoffen naar uw baby.
Kinkhoestvaccinatie wordt daarom aan alle vrouwen tijdens elke zwangerschap aangeraden, ook als u als volwassene al eerder een inenting hebt gekregen.
Indien u ok tegen polio moet gevaccineerd worden, dan kan het combinatievaccin Revaxis, Boostrix Polio of Tetravac gebruikt worden.
Ook volwassenen kunnen kinkhoest krijgen en baby’s besmetten. Om besmetting van baby’s te vermijden, is het daarom erg belangrijk dat ook gezinsleden goed gevaccineerd zijn. Voor volwassenen die niet zwanger zijn, maar wel samenwonen met een baby of dikwijls voor baby’s zorgen, wordt een eenmalige herhalingsinenting tegen kinkhoest aangeraden. Die bescherming van de directe omgeving van het kind heet cocoonvaccinatie.

Griep (Influenza):
Valt het griepseizoen (van oktober tot eind februari) tijdens de tweede helft van uw zwangerschap? Laat u dan vaccineren tegen griep.Tijdens de tweede helft van de zwangerschap bestaat er namelijk een veel groter risico op complicaties door griep. Ook voor de baby zijn er risico’s als u griep krijgt tijdens de zwangerschap.
Daarnaast beschermt deze vaccinatie uw baby ook de eerste maanden na de geboorte tegen griep.
Vaccinatie kan vanaf het tweede trimester (14 of 16 weken) van de zwangerschap.
Hoog risico zwangeren, bv. zwangeren met longproblemen, moeten altijd, ongeacht het trimester waarin zij zich bevinden, gevaccineerd worden.

Hepatitis A:
Aan vrouwen die geen immuniteit hebben tegen hepatitis A wordt vaccinatie aanbevolen voor hun eigen bescherming wanneer ze een risico lopen te worden blootgesteld aan de ziekte. De vaccinatie gebeurt bij voorkeur vanaf het tweede zwangerschapstrimester.

Vaccinatie tegen hepatitis A wordt aangeraden wanneer u:
- werkt in een kinderdagverblijf, kleuterschool, een instelling voor gehandicapten, enz. ;
- werkt als verpleegkundige of laborante;
- van plan bent om naar een land van het Middellandse zee gebied of een ander subtropisch land te reizen, ook voor korte reizen in goede hotels.

Hepatitis B:
Zwangere vrouwen die niet immuun zijn en tot de risicogroepen behoren, na een prikaccident met besmet bloed of contact met iemand met hepatitis B, worden best gevaccineerd:
• artsen, paramedici, tandartsen, labo-personeel;
• studenten in de geneeskunde, tandheelkunde en paramedische beroepen (ook van opleidingen in het secundair onderwijs);
• het verzorgend personeel van instituten voor mentaal gehandicapten;
• verpleegsters en kinderverzorgsters van het dagonderwijs;
• de onderwijzeressen in het speciaal onderwijs voor gehandicapten;
• het opvoedend personeel van medisch-pedagogische instellingen;
• poetsvrouwen in scholen voor speciaal dagonderwijs;
• wanneer u recent in contact bent geweest met iemand met hepatitis B (bv. op school);
• wanneer u een lange reis plant naar Azië, Latijns-Amerika of Afrika, of wanneer de kans bestaat dat u in één van die landen in het ziekenhuis belandt of zult bevallen.

Als u tijdens de zwangerschap drager bent van het hepatitis B virus, is het belangrijk uw baby er zo snel mogelijk tegen te beschermen. Uw baby wordt dan onmiddellijk na de geboorte gevaccineerd tegen hepatitis B. Daarna wordt het gewone basisvaccinatieschema gevolgd.

Polio (kinderverlamming):
Iedereen die na 1964 is geboren, is normaal ingeënt tegen polio. Voor een levenslange bescherming is een herhalingsvaccinatie op volwassen leeftijd (+16 jaar) nodig. Indien u die herhalingsvaccinatie niet hebt gekregen én tijdens uw zwangerschap een reis plant naar een streek waar deze ziekte nog voorkomt (Afrika en Azië), dan laat u zich best inenten met het inspuitbare vaccin (Imovax Polio). Indien ook een vaccin tegen difterie en tetanus nodig is, wordt Revaxis gebruikt; indien u bovendien tegen kinkhoest moet worden ingeënt, gebruikt men Boostrix Polio of Tetravac.

Meningokokken C:
Dit vaccin kan aan zwangeren worden toegediend die tijdens de meningitisperiode (van eind december tot eind juni) langer dan 4 weken of in primitieve omstandigheden rondreizen in risicogebieden (hoofdzakelijk Sahellanden).

Gele koorts:
Zwangere vrouwen die niet zijn gevaccineerd, wordt afgeraden om naar risicogebieden in Zuid-Amerika en Afrika te reizen. Indien de reis niet kan uitgesteld worden, kan vanaf de zesde zwangerschapsmaand gevaccineerd worden. Bij accidentele vaccinatie vóór de 6de maand van de zwangerschap (bijvoorbeeld omdat u op het ogenblik van de vaccinatie nog niet wist dat u zwanger was), werden er nooit problemen beschreven, zodat er geen reden is tot ongerustheid.

Rabies (hondsdolheid):
Na een verdachte beet moeten zwangere vrouwen ingeënt worden. Preventieve vaccinatie wordt alleen aangeraden bij hoge kans op blootstelling (bv. veeartsen, archeologen...).

Buiktyfus:
Vaccinatie is vooral aangewezen voor avontuurlijke reizen in slechte hygiënische omstandigheden, of voor reizen die langer dan 3 weken duren naar warme landen. Bij zwangere vrouwen wordt alleen het geïnactiveerde injecteerbare vaccin (Typherix of TyphimVi) gebruikt (niet het vaccin dat via de mond wordt toegediend).

• Frühsommer Meningo-Enzephalitis en Japanse encefalitis:
Zwangere vrouwen die naar een risicogebied reizen, moeten zeker worden gevaccineerd wegens het grote risico bij infectie voor de moeder én voor het kind.

Vaccins die beter niet worden toegediend tijdens de zwangerschap

De vaccins die levende, afgezwakte virussen of bacteriën bevatten, kunnen via de placenta de vrucht bereiken waardoor een geringe kans bestaat dat het vruchtje wordt besmet. Tot nu toe werden nog nooit misvormingen bij de baby beschreven ten gevolge van vaccinatie met een van deze vaccins. Toch worden deze vaccins uit voorzorg niet toegediend tijdens de zwangerschap en wanneer u borstvoeding geeft. U wordt ook best niet zwanger in de maand die volgt op de toediening van deze vaccins.

Dit geldt voor volgende vaccins:
• Mazelen – Bof – Rubella
• Gele koorts (indien nodig zal dit toch worden toegediend)
• Het orale vaccin tegen buiktyfus (Vivotif).
• Varicella.
• Het orale poliovaccin (niet meer te krijgen in België, maar wordt nog wel gebruikt in de tropen).

Indien u toch zwanger wordt binnen de eerste weken na de vaccinatie met een levend vaccin, of op het ogenblik van de vaccinatie nog niet wist dat u zwanger was, hoeft u zich evenwel niet ongerust te maken. Het is zeker geen reden om een zwangerschapsonderbreking te overwegen.
Deze vaccins kunnen zonder problemen worden toegediend aan kinderen van zwangeren, en hoeven wegens de zwangerschap van de moeder dus niet uitgesteld te worden.

Meer info
www.vaccinatieweek.be
www.bcfi.be
www.itg.be






pub