Vroeg bijvoeden voorkomt voedselallergie bij kinderen

Laatst bijgewerkt: april 2019
123-baby-voeding-potje-170_03.jpg

nieuws Het is goed om kinderen vanaf vier maanden kleine hoeveelheden bijvoeding te geven. Eerst met groente en fruit, later ook met andere producten als ei, vis en pinda. Vroeger dacht men dat later beginnen met deze bijvoeding juist allergie zou voorkomen.
Dit staat in een nieuwe voedselrichtlijn voor het voorkomen van allergie bij jonge kinderen, ontwikkeld door het Medisch Centrum van de Vrije Universiteit Amsterdam in opdracht van het Nederlandse Ministerie van in opdracht van het Nederlandse Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) VWS en ZonMw.

Algemeen wordt aangenomen dat borstvoeding de beste voeding is voor kinderen. Er is echter niet aangetoond dat borstvoeding voedselallergie kan voorkomen. Eveneens is er geen preventief effect aangetoond van een eliminatiedieet van de moeder tijdens de zwangerschap of borstvoedingsperiode. Hydrolysaten ter preventie van koemelkallergie en ter vervanging van borstvoeding worden niet aanbevolen.
Volgens de huidige inzichten is er een optimale periode, 4-6 maanden na de geboorte, waarin de kans dat tolerantie voor voedingsmiddelen ontstaat, het grootst is. Uitstel van introductie van bijvoeding tot na de leeftijd van 6 maanden leidt mogelijk juist tot een grotere kans op voedselallergie.

Het advies is daarom om bijvoeding vanaf 4 maanden te starten, ook voor de hoogrisicogroep van kinderen uit een gezin waarvan een van de ouders of een
broer of zus voedselallergie, constitutioneel eczeem, hooikoorts en/of astma heeft.
Dit advies lijkt in tegenspraak met het advies van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) om 6 maanden exclusieve borstvoeding te geven. Echter, de WHO geeft dit advies met het oog op het risico op ondervoeding en infecties bij jonge kinderen in ontwikkelingslanden en niet ter preventie van voedselallergie.
In België raadt Kind en Gezin aan om rond 4-6 maanden, en zeker vanaf 6 maanden te starten met bijvoeding.

Het starten met bijvoeding kan met groente en/of fruit. Hierna kunnen gluten in kleine hoeveelheden (bv. kleine stukjes beschuit in een fruithapje) geïntroduceerd worden. Om het continueren van de borstvoeding te waarborgen is het van belang dat bijvoeding in kleine hoeveelheden wordt gegeven.
Bijvoeding mag op deze leeftijd geen vervanging van borstvoeding (of kunstvoeding) zijn.

De nieuwe richtlijn heeft ook aandacht voor de preventie van glutenovergevoeligheid (coeliakie). Ook hier geldt dat kleine hoeveelheden granen (bijvoorbeeld stukjes beschuit in een groente of fruithapje) bij voorkeur tijdens de borstvoeding en ook vanaf vier maanden, overgevoeligheid voor granen kan voorkomen. Dat is een stuk eerder dan tot nu toe het geval was.

De nieuwe richtlijn stipt ook aan dat er tot op heden geen overtuigende effecten zijn aangetoond van pre- en probiotica voor preventie van allergieën. Prebiotica zijn koolhydraten die in de dunne darm van de mens niet verteerd worden en die in de dikke darm de groei en/of de activiteit van bepaalde groepen bacteriën kunnen stimuleren. Probiotica zijn levende bacteriën die via het voedsel worden toegediend en in staat zijn de darm te bereiken om daar een gunstige invloed uit te oefenen.

Voedselallergie: Advies voor alle kinderen
• Bij voorkeur borstvoeding gedurende ten minste 4-6 maanden (liever langer).
• Bijvoeding starten vanaf 4 maanden.
• Bijvoeding mag op deze leeftijd geen vervanging van borstvoeding (of kunstvoeding) zijn.

Voedselallergie: Advies voor hoogrisicokinderen uit allergiegevoelig gezin
• Bij voorkeur borstvoeding gedurende ten minste 4-6 maanden (liever langer).
• Bijvoeding starten vanaf 4 maanden.
• Partieel gehydrolyseerde kunstvoeding wordt niet aanbevolen omdat het niet effectief is in de preventie van koemelkallergie.
• Intensief gehydrolyseerde kunstvoeding wordt afgeraden.

Coeliakie: advies voor risicozuigelingen uit een familie waar coeliakie voorkomt
• Bij voorkeur borstvoeding gedurende ten minste 6 maanden (liever langer).
• Introductie van glutenbevattende bijvoeding in kleine hoeveelheden (bv. kleine stukjes beschuit in een fruithapje) tegelijk met de introductie van andere bijvoeding (fruit en groente) vanaf de leeftijd van 4 maanden.

Lactose-intolerantie
Lactose-intolerantie bij kinderen is zeldzaam. Het uit zich in maag-darmklachten zoals opgeblazen gevoel, winderigheid en buikpijn en in ernstiger gevallen diarree.
Beperking van het lactoseaanbod tot 12 g per portie en 24 g per dag (d.w.z. tot respectievelijk 240 en 480 ml melk; voor andere producten, yoghurt in de eerste plaats, gelden grotere hoeveelheden) leidt bij vrijwel alle kinderen met lactose-intolerantie tot verdwijnen van de daardoor veroorzaakte klachten.

Voedseladditieven
Het wordt niet aanbevolen om bij gezonde kinderen ter preventie van hyperactiviteit voedseladditieven zoals kunstmatige kleurstoffen en conserveermiddelen of suiker te elimineren uit de voeding.

U kunt de volledige richtlijn downloaden op:
www.ncj.nl/programmalijn-kennis/landelijke-werkdocumenten/richtlijn/?item=84



verschenen op : 26/03/2014 , bijgewerkt op 11/04/2019


pub