Meer sterfte door zelfdoding

Laatst bijgewerkt: november 2019

nieuws In 2011 overleden 1.152 mensen door zelfdoding, dat zijn er 86 meer dan in 2010. De stijging is groter bij vrouwen dan bij mannen: bij vrouwen ging het om 13% meer zelfdoding en bij mannen om 6%. De toename is er voornamelijk bij de oudere leeftijdsgroepen. Wanneer wordt vergeleken met het jaar 2010, wordt er een toename vastgesteld bij oudere leeftijdsgroepen (45-74 jaar) voor zowel mannen als vrouwen en bij vrouwen van 16-44 jaar. Bij jongeren (-16 jaar) zijn voor beide geslachten de cijfers gedaald ten opzichte van 2010, alsook bij de mannen tot de leeftijd van 44 jaar en bij vrouwen ouder dan 75.

De groep waarover dit gaat is in absolute aantallen minder groot, maar doordat de helft van de zelfdodingen gebeurt bij mannen en vrouwen jonger dan 50 jaar is het aantal verloren levensjaren hier groot. Met ‘verloren levensjaren’ bedoelen we het totale aantal jaren dat in de bevolking is verloren gegaan door voortijdige sterfte, d.w.z. sterfte vóór een bepaalde leeftijd.

De suïcideratio (berekend op 100.000 inwoners) in Vlaanderen steeg van 17,05/100,000 in 2010 naar 18/100,000 in 2011. Wanneer de suïciderates van de omringende landen worden bekeken, valt op dat in verschillende landen de voorbije jaren een toename in de suïciderates kon worden vastgesteld. Voorbeelden van Europese landen waarbij de suïciderate steeg van 2010 naar 2011 zijn: Nederland, Ierland, UK, Griekenland, Spanje.
Het Vlaams suïcidecijfer blijft 1,5 keer hoger dan het EU-gemiddelde. Het beperkte onderzoek dat in dit verband gebeurde, geeft als verklaringen dat het taboe op het zoeken van psychische hulp in Vlaanderen een stuk groter is dan in Nederland en dat de geestelijke gezondheidszorg in Nederland toegankelijker is dan in Vlaanderen. Bijkomend bleek ook uit een vergelijkend onderzoek tussen Vlaamse en Nederlandse jongeren dat Vlaamse jongeren minder efficiënt problemen kunnen oplossen dan hun Nederlandse leeftijdsgenoten en minder communiceren over hun problemen met volwassenen. Attitudes ten aanzien van het zoeken van psychische hulp, probleemoplossend gedrag en communicatie lijken dus mogelijke verklaringen te zijn voor de hogere cijfers in Vlaanderen, maar verder onderzoek is nodig om de hogere cijfers in Vlaanderen te verklaren.

In Vlaanderen was er een daling in het aantal suïcidepogingen in 2010, gevolgd door een stijging in 2011. In 2012 werd een daling van 11,5% opgetekend in het aantal suïcidepogingen tov 2011.
Wanneer dit vergeleken wordt met de evolutie van de suïcideratio van 2009 tot en met 2011 zien we gelijkaardige schommelingen. Met name een daling in de suïcideratios in 2010 ten opzichte van 2009, gevolgd door een toename in 2011 ten opzichte van 2010.

Economische crisis.
Een mogelijke verklaring voor de stijging van het aantal zelfdodingen is de invloed van de economische situatie. Gezien de gelijkaardige evoluties in de buurlanden en andere Europese landen was de stijging in de Vlaamse suïcidecijfers te verwachten. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat elke stijging in werkloosheid met 1% een stijging van 0,8% in het aantal suïcides als gevolg heeft. Wanneer de werkloosheidscijfers voor Vlaanderen van de voorbije jaren worden nagegaan dan valt het op dat de cijfers in 2010 waren toegenomen en in 2011 terug waren afgenomen. Dit lijkt niet overeen te stemmen met de evolutie in de suïcidecijfers waarbij in 2010 een daling werd opgemerkt en in 2011 een toename. De vraag kan echter gesteld worden of de gevolgen van werkloosheid zich zo snel kunnen laten voelen en op korte tijd kunnen resulteren in mentale problemen en suïcidaliteit.

Wetenschappelijk onderzoek heeft namelijk heel duidelijk aangetoond dat er altijd een suïcidaal proces voorafgaat aan een suïcide, waarbij onderzoek heeft aangetoond dat de duur van dit proces kan schommelen van enkele maanden tot verschillende jaren. De hypothese kan dan ook gesteld worden dat de stijging in de werkloosheidscijfers in 2010 pas duidelijk voelbaar zijn geworden in de suïcidecijfers van 2011.

# niet werkende
werkzoekenden

Werkloosheids-graad

# zelfdodingen

Rate
(/ 100.000 inwoners)

2000

169.647

6,43%

1.174

18,2

Mannen

70.956

4,67

843

26,8

Vrouwen

98.691

8,77

331

10,0

2010

208.242

7,17%

1.066

17,05

Mannen

6,80

772

22,7

Vrouwen

7,61

294

8,3

2011

195.008

6,65%

1.152

18,00

Mannen

99.879

6,25

820

23,6

Vrouwen

95.129

7,12

332

9,5

Het is ook aangetoond dat suïcidaal gedrag altijd meervoudig bepaald is en altijd een complex samengaan van verschillende oorzaken en risicofactoren kent. Daardoor moet er bij de verklaring van de stijging uiteraard ook met andere factoren rekening gehouden worden. Er is nooit één enkele oorzaak voor zelfdoding, dus is er ook niet één oorzaak voor de stijging in de cijfers. Er moet ook breder gekeken worden. Werkloosheid of economische crisis geeft ook bredere maatschappelijke gevolgen. De toekomstvisie kan negatiever worden en angst voor de verdere toekomst neemt toe in de samenleving. Als gevolg van werkloosheid kunnen er financiële problemen ontstaan alsook sociale problemen omdat er minder mogelijkheden zijn voor sociale contacten. Sociale contacten die net belangrijk kunnen zijn als ondersteuning in kwetsbare periodes.

Besluit
De toename in de cijfers moet met de nodige voorzichtigheid geïnterpreteerd worden. Suïcidaal gedrag is altijd complex en meervoudig bepaald waardoor steeds verschillende factoren en componenten een rol spelen. Het is dan ook heel belangrijk dat er verder breed wordt ingezet op suïcidepreventie en dat er vanuit verschillende hoeken aandacht wordt besteed aan dit belangrijk probleem.

Gezien de huidige socio-economische trends in Vlaanderen en Europa die een impact hebben op de hele samenleving, is het duidelijk dat de hele maatschappij hierbij zijn steentje moet bijdragen. Initiatieven voor werk, begeleiding van ontslagen werknemers zowel wat betreft toeleiding naar nieuwe jobmogelijkheden alsook psychosociale begeleiding lijken in deze huidige situatie meer dan ooit belangrijk.

De specifieke aandacht voor bepaalde leeftijdsgroepen blijkt eens te meer cruciaal te zijn. Vooral de oudere actieve leeftijdsgroepen (45+) lijken hierbij belangrijk te zijn. De acties die zich op deze groep richten zijn alle acties in verband met Fit in je hoofd, alles rond de werkcontext, vorming sleutelfiguren (bv in sociale organisaties, ook bij VDAB), zelfmoord1813, …
Het is belangrijk dat er blijvend aandacht is voor de preventie van zelfdoding en dat de verschillende strategieën van het Vlaams actieplan suïcidepreventie verder gerealiseerd worden. Daarnaast is het noodzakelijk dat ook de andere beleidsdomeinen en maatschappelijke domeinen betrokken worden.




pub