ad

Aantal Hiv-gevallen blijft stijgen

Laatst bijgewerkt: november 2019
123-cond-kleuren-170_08.jpg

nieuws In 2012 werden 1.227 nieuwe diagnoses met hiv (wat neerkomt op 3,4 diagnoses per dag) gesteld in België. Dat is iets meer is dan vorig jaar (1.177 in 2011), of een stijging met 3,8%. Het aantal diagnoses bij Belgen en niet-Belgen is bijna even hoog. Dat blijkt uit het jaarrapport over hiv en aids in België van het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid.

De andere belangrijkste bevindingen zijn:
• In 2012 bleef de screening van hiv stijgen: er werden 64 screeningstesten voor hiv per 1000 inwoners gerealiseerd. Dit komt overeen met een stijging van het aantal tests met 3,5 % ten opzichte van 2011 en met 8 % ten opzichte van 2010.

• Het aandeel van personen met de Belgische nationaliteit onder de nieuwe gediagnosticeerde gevallen is tussen 2002 en 2012 gestegen, gaande van 29,3 % tot 45,1 % van de patiënten van wie de nationaliteit is gekend.

• 90% van de nieuwe diagnoses bij Belgen werd gesteld bij
mannen. Het gros van de diagnoses (80%) wordt vastgesteld bij mannen die seks hebben met mannen. In Vlaanderen is een lichte toename (9,8%) vastgesteld ten opzichte van het voorgaande jaar. Deze stijging doet zich volledig voor bij de leeftijdsgroep ouder dan 35 jaar.

• De hiv-epidemie concentreert zich voornamelijk in twee populaties: mannen die seksuele relaties hebben met mannen (MSM), voornamelijk van Belgische nationaliteit, en mensen die het virus hebben opgelopen via heteroseksuele relaties en die vooral afkomstig zijn uit Subsaharisch Afrika.

• Na een stijging van bijna 250 % in de loop van het decennium 1999-2008 lijkt het aantal nieuwe gediagnosticeerde gevallen bij homomannen zich de afgelopen drie jaar te hebben gestabiliseerd. Deze diagnoses vertegenwoordigen 44,2 % van de nieuwe infecties waarvoor de wijze van besmetting werd gemeld in 2012. Bij mensen met een Belgische nationaliteit blijft het aandeel van homomannen echter uitgesproken hoog (70%).

• Ruim één vijfde van alle met hiv gediagnosticeerde niet-Belgen komt uit Europese landen en één op de tien uit Amerika of Azië. Een minderheid is afkomstig van Noord-Afrika. Ook bij niet-Belgen is het aantal besmettingen via homoseksuele contacten sinds 2000 toegenomen. Het gaat daarbij in de eerste plaats over personen die uit de ons omringende landen komen, waar de verspreiding van hiv ook vooral homomannen treft.

• In de periode 2000-2012 werden jaarlijks tussen 400 en 500 infecties gediagnosticeerd die werden opgelopen door heteroseksuele contacten. Deze overdrachtswijze werd gemeld in 53,8 % van de diagnoses in 2012, waarvoor de wijze van besmetting bekend is.

• Het gebruik van intraveneuze drugs werd in 2012 slechts in 0,5 % van de gediagnosticeerde gevallen van hiv-infectie gerapporteerd.

• In 2012 werden 103 nieuwe aids diagnoses gerapporteerd; sinds het begin van de epidemie werd een gecumuleerd totaal van 4361 gevallen gerapporteerd.

• In 2012 werden 27 sterfgevallen ten gevolge van aids gerapporteerd. Een totaal van 2020 sterfgevallen werd gerapporteerd tussen 1983 en 2012.

• In de loop van het jaar 2012 werden in België 13.352 patiënten met een hiv-infectie medisch opgevolgd. Het aantal opgevolgde patiënten is gestegen met 753 (+6,0 %) ten opzichte van 2011.

Aangezien het aantal nieuwe diagnoses niet daalt, moeten we blijven investeren in combinatiepreventie, zegt Sensoa in een reactie. Bespreekbaar maken van de hiv-test, snel testen en tijdig behandelen zijn alvast drie onderdelen van combinatiepreventie. Dit moet samengaan met een blijvende investering in het bevorderen van veilige seks en de detectie van soa’s om zo het aantal nieuwe infecties in te dijken.

In het kader van het Hiv-plan zal Sensoa zich onder meer blijven inzetten om de beschikbaarheid van condooms en glijmiddel in homo-uitgaansgelegenheden te verhogen. Een mogelijke daling van het gebruik van condooms op momenten dat het nodig is, kan immers de gunstige effecten van sneller testen en behandelen ernstig ondergraven. Want mocht twee derde van de homomannen die nu consequent veilig vrijen deze inspanning laten varen, dan zou het aantal nieuwe infecties bij homomannen drie tot vier maal zo hoog liggen.

Sensoa zette in 2012 samen met een aantal partners zoals het Instituut voor Tropische Geneeskunde zwaar in op het promoten van regelmatig en vroegtijdig laten testen in homomilieus. De stijging van het aantal nieuwe diagnoses in Vlaanderen loopt parallel met een meer gericht testbeleid. Mogelijk wijzen de licht stijgende cijfers erop dat de 'juiste' mensen zich lieten testen. Hoewel het aantal laattijdige diagnoses bij de doelgroep homomannen sterk is afgenomen, bedraagt het nog steeds 29%.

Het feit dat mensen die een risicocontact hadden, zich tijdig laten testen is belangrijk. Bij een positief resultaat kan de arts een start van de behandeling voorstellen, wat goed is voor de persoon zelf en voor de preventie. Want bij mensen die behandeld worden, daalt de virale lading waardoor de kans verkleint dat het virus wordt overgedragen.

U kunt het volledige rapport van het WIV downloaden op:
www.wiv-isp.be/news/Pages/NL-Rapport_HIV-AIDS_toestand2012.aspx

Grensoverschrijdende preventie noodzakelijk tegen hiv-epidemie

Reislustige mannen die seks hebben met mannen (MSM) nemen vaker seksuele risico’s dan homomannen die niet seksueel actief zijn in het buitenland. Het vermoeden dat mobiliteit tussen grote steden zoals Amsterdam, Brussel en Parijs een mogelijke factor is in de verspreiding van hiv en andere seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s) bestond al. Een studie van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) onder homomannen in België bewijst nu voor het eerst dat dit inderdaad het geval is.

De studie verscheen in het vakblad BMC Public Health (www.biomedcentral.com/1471-2458/13/968).

De studie onderzocht of Belgische MSM de afgelopen 12 maanden seks hadden in het buitenland. Hij bracht dit gegeven in verband met hun seksueel gedrag, hiv-status en aanwezigheid van andere soa’s. De studie toont aan dat reizende mannen die de afgelopen 12 maanden hiv-positief bevonden werden, vaker onbeschermde anale seks in het buitenland hadden, meer drugs gebruikten en vaker besmet waren met andere soa’s. Dit wijst er op dat seksuele mobiliteit mogelijk heeft bijgedragen aan recente hiv-infecties onder Europese MSM.

Daarnaast bevestigt het onderzoek dat sommige hiv-positieve MSM op zoek gaan naar partners die ook positief zijn voor seks zonder condoom. Deze alternatieve preventiestrategie, die MSM binnen specifieke netwerken toepassen om risico’s te beperken, beschermt hen onvoldoende tegen andere soa’s. Terugkerende epidemieën binnen de hiv-positieve MSM-gemeenschap, zoals recentelijk van hepatitis c, tonen dit aan.

De bevindingen pleiten voor een betere coördinatie van onderzoek en preventie tussen Europese landen. Het is tijd om de preventiegrenzen op te heffen. Gegevens over seksueel gedrag en de ontwikkeling van hiv en soa-epidemieën zouden net zo snel als de mobiele homogemeenschap van de ene Europese stad naar de andere moeten reizen. Preventieboodschappen, in bijvoorbeeld Parijs en Brussel, moeten beter op elkaar afgestemd worden, want het publiek is deels hetzelfde, aldus de onderzoekers.




ad


pub