Tips om om te gaan met dove personen

Laatst bijgewerkt: september 2013
123-vr-hoorapp-oor-doof-170-09.jpg

nieuws Veel horende personen weten niet altijd hoe ze het best omgaan met dove personen. Er zijn een aantal eenvoudige regels die de communicatie tussen horende en dove personen vergemakkelijken.

Omgangstips
• Heb geen schrik om de dove persoon aan te spreken. Als de gesprekspartner inspanningen doet om te communiceren zal de dove persoon dit enorm waarderen.

• Betrek een dove persoon bij een discussie/overleg/besprekingen, etc. Neem daar gerust de tijd voor, het loont de moeite. Hoe meer informatie men heeft, hoe meer men zich betrokken voelt in het team, des te gemotiveerder men zal zijn om taken uit te voeren. Het is niet aangenaam om alles zelf te moeten uitzoeken, dat vergt extra aandacht/tijd.

• U kunt de aandacht van de dove persoon trekken met bijvoorbeeld een zachte tik op de schouder, of door te knipperen met de verlichting. Bevraag wat het meest gewenst is.

• Hou er bij een demonstratie rekening mee dat een dove persoon niet tegelijk kan kijken naar de spreker (of de tolk) en naar de vertoning. Om geen informatie te missen kan u tijdens een demonstratie pauzes voorzien om tussendoor de nodige uitleg te geven. Best alles samen bespreken, ook met de tolk over de te gebruiken signalen, …

• Bevraag of de dove persoon u goed heeft begrepen, informeer of er nog vragen zijn voordat u het gesprek afrondt.

• Schrijf belangrijke afspraken, namen en cijfers op. Als u geschreven informatie meegeeft, geef kort wat uitleg over de inhoud.

• Hou er rekening mee dat sommige doof-geboren personen moeilijkheden ervaren met het begrijpen van geschreven teksten, omdat zij het Nederlands niet auditief hebben kunnen verwerven. Dove personen hebben moeilijker toegang tot gesproken en geschreven informatie, waardoor men soms bepaalde uitdrukkingen of begrippen niet kan vatten.

• Complexe/abstracte begrippen kan u het best verduidelijken door ze te visualiseren met behulp van schema’s, foto’s, logo’s of te concretiseren aan de hand van voorbeelden.

Hoe communiceren?

Visueel
• Omdat het mondbeeld heel belangrijk is om de boodschap duidelijk over te brengen is een goede articulatie noodzakelijk, doch door overdreven articulatie kan het mondbeeld wat vervormd zijn. Men ziet dan moeilijk of geen verschil tussen bepaalde klanken, die toch een belangrijke rol spelen bij het spraakafzien.
• Spreek in het Algemeen Nederlands, dialecten zijn af te raden. Enkel indien de persoon zelf het dialect kent en kan aflezen, kunt u dialect spreken.
• Praat op een rustig tempo en op een normale afstand (1m.) Van op deze afstand is het mondbeeld duidelijk te zien.
• Hou zeker niets voor de mond of steek niks in de mond. Het is beter om het gezicht niet te ondersteunen met de hand. Belangrijk is dat het mondbeeld goed zichtbaar is en/of niet vervormd wordt.
• Praten in het donker is moeilijk omdat het mondbeeld van de spreker dan moeilijk af te lezen is. Daarom is een goede verlichting heel belangrijk. Indien er geen verlichting is, kan een niet te felle lamp op batterijen een oplossing bieden.
• Als er in groep wordt gesproken, hou er dan rekening mee dat de dove persoon naar het mondbeeld van iedere persoon apart moet kunnen kijken. Praat dus niet door elkaar en spreek een signaal af om aan te duiden wie de volgende spreker is. Wacht met spreken tot wanneer de dove persoon u aankijkt anders mist die het begin van het gesprek.

Audiologisch
Met het gebruik van hulpmiddelen (hoorapparaat, ringleiding, …) kunnen dove personen het geluid beter waarnemen. Het spraakverstaan is afhankelijk van het soort hulpmiddel dat zij gebruiken en de manier waarop zij het geluid waarnemen.
• Achtergrondgeluiden kunt u beter uitschakelen, deze zijn zeer storend.
• Sommige dove personen hebben een hoorapparaat waaraan een speciale microfoon verbonden is, dit om de geluiden nog beter te kunnen waarnemen. Wat u zegt in de microfoon gaat rechtstreeks naar het hoorapparaat. Hierdoor hebben dove personen minder last van achtergrondgeluiden en kunnen zij in combinatie met spraakafzien de klanken beter waarnemen.
• Als er door elkaar gesproken wordt kan de persoon dit onmogelijk volgen.

Inzetten van een tolk
Het inzetten van een tolk zorgt ervoor dat de communicatie toegankelijk wordt gemaakt voor dove personen. De tolk zet het gesproken woord om naar de Vlaamse Gebarentaal (VGT) en de VGT wordt omgezet in gesproken taal (stemtolken). De tolk moet wat gesproken wordt eerst opnemen en dan vertalen naar VGT, dat vraagt dus wat tijd. Best niet te vlug spreken.

Om een tegemoetkoming bij het gebruik van een tolk te krijgen moet de dove gebruiker dit recht eerst aanvragen bij de bevoegde instantie die nagaat dat aan de voorwaarden is voldaan en hoeveel tolkuren de persoon krijgt. Bij het reserveren van een tolk bij het CAB moet men een keuze maken uit de verschillen soorten tolkuren (voor werk, sollicitatie, school, thuis…).

Orale tolk
Een orale tolk wordt gebruikt door dove personen met een orale achtergrond. De spreker kijkt niet altijd naar de dove persoon zodat deze laatste het moeilijk krijgt om spraak af te zien.
De orale tolk zegt letterlijk alles wat de spreker zegt, zonder de stem te gebruiken zodat het voor de omgeving niet storend is.

Schrijftolk
De schrijftolk heeft een klavier en een scherm (een laptop of een groot scherm), alles wat er gezegd wordt zet de tolk om naar de geschreven taal.

Deze tolken kunnen worden gereserveerd bij het centraal tolkenbureau CAB (Vlaams Communicatie-Assistentie-bureau voor Doven vzw). www.cabvlaanderen.be

• Hou er bij het plannen van een afspraak rekening mee dat de tolk best twee weken op voorhand wordt gereserveerd bij de tolkendienst CAB , zo heeft het CAB voldoende tijd om een tolk te vinden.
• Spreek samen met de dove gebruiker af hoe de tolk wordt aangevraagd, hoe de tolkuren worden vergoed (A, B, … of L-uren), en wie verantwoordelijk is voor de reservatie en de annulatie van de tolkopdracht.
• Bezorg de tolk, als het kan, vooraf een tekst met de inhoud zodat die zich kan voorbereiden op wat er gezegd zal worden.
• Vraag bij aanvang van het gesprek aan de tolk wat hij/zij nodig heeft (stoel zonder leuning, licht, microfoon, drinken, … ).
• Bespreek samen af waar de tolk het best gaat zitten of staan (rekening houdend met lichtinval, zichtbaarheid en achtergrondlawaai, …).
• Tijdens het gesprek richt u zich tot uw dove gesprekpartner (als teken van respect) aan een normaal spreektempo. De Vlaamse Gebarentaal is een visuele taal, ze heeft een andere grammaticale structuur dan het Nederlands. Een vertaling naar VGT gebeurt niet woord voor woord, tijdens de vertaling wordt de inhoud van de boodschap simultaan visueel vertaald volgens de regels van de VGT. De tolk en de dove gesprekpartner geven zelf aan wanneer die niet kunnen
volgen.
• Aangezien het voor uw dove gesprekspartner onmogelijk is om de tolk te volgen en tegelijk nota’s te nemen, kan het zinvol zijn om een schematische samenvatting van de info in te voorzien.
• Spreek niet door elkaar anders kan de tolk niet volgen.

Vlaamse Gebarentaal
Elk schooljaar organiseert Fevlado-Diversus vzw de cursussen Vlaamse Gebarentaal. De cursussen lopen van oktober tot april (behalve tijdens de schoolvakanties) en omvatten 20 lessen van telkens twee uur. Het zijn in de eerste plaats communicatiecursussen, toegankelijk voor een ruim publiek. De bedoeling is te leren om gewone, dagdagelijkse gesprekken te kunnen voeren in Vlaamse Gebarentaal.
www.fevlado.be


Wereld Dovendag
www.fevlado.be/diversus-vzw/werelddovendag/



verschenen op : 28/09/2013


pub