ad

Borstkanker: okselklieruitruiming niet altijd nodig, gebruik van geneesmiddel Avastin® wordt best stopgezet

Laatst bijgewerkt: augustus 2013
med-bk-avastin-1710-400_12.jpg

nieuws Het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) heeft, samen met het College voor Oncologie, zijn richtlijn voor de behandeling van borstkanker aan de laatste wetenschappelijke bevindingen aangepast.

Borstkanker is in ons land de meest voorkomende kanker bij vrouwen (35% van alle kankers). Vooral vrouwen tussen 60 en 69 jaar worden ermee geconfronteerd. Slechts 1 op de 20 borstkankers komt voor bij vrouwen jonger dan 40 jaar. Na de leeftijd van 50 neemt het risico wel aanzienlijk toe. De prognoses voor borstkanker zijn goed: 88% van de vrouwen zijn na 5 jaar nog in leven. Na 10 jaar is dit bijna 79%.

Okselklieruitruiming

Bij borstkanker met minimale uitzaaiingen biedt een okselklieruitruiming meestal meer na- dan voordelen. De agressieve ingreep zorgt vaak voor ernstige nevenwerkingen zoals ongevoeligheid in de vingertoppen en een zware arm door vochtophopingen, terwijl het risico op herval zeer laag blijft en de overlevingskansen niet verhogen.

Wanneer bij een vrouw een knobbeltje in de borst wordt ontdekt, gaat men eerst na of het kankercellen bevat. Daarbij onderzoekt men ook de zogenaamde ‘schildwachtklier(en)’. Het zijn klieren die zich het dichtst bij de tumor bevinden. Indien blijkt dat ze tumorvrij zijn, moet er geen bijkomende okselklieruitruiming gebeuren.

Als er toch tumorcellen in de schildwachtklier worden ontdekt, wordt vandaag vaak systematisch een okselklieruitruiming uitgevoerd. Het gaat om een agressieve ingreep met risico op infecties, en met veel voorkomende nevenwerkingen die de levenskwaliteit ernstig kunnen aantasten, zoals ongevoeligheid in de vingertoppen en een zware arm door vochtophopingen (bij 1 op de 3 patiënten).
Soms biedt de ingreep meer na- dan voordelen

Bij tumoren in de schildwachtklier zijn er volgens de recente studies verschillende scenario’s mogelijk:
1. de ingreep wordt niet aanbevolen als er geïsoleerde tumorcellen of minder dan 3 schildwachtklieren met kleine kankerhaardjes (micrometastasen <2mm) worden aangetroffen. De kans dat andere, meer ‘stroomafwaarts’ gelegen lymfeklieren kankercellen bevatten is dan zeer klein, en een okselklieruitruiming zou de overlevingskans van de vrouw niet verhogen.

2. Ook bij beperkte macrometastasen (groter dan 2mm) in maximaal 2 schildwachtklierenkan overwogen worden om geen okselklieruitruiming uit te voeren en enkel de aangetaste klieren te verwijderen. Het gaat dan om patiënten met laag risico op herval, die een borstsparende operatie zullen ondergaan en die een bijkomende behandeling zullen volgen (chemotherapie, hormoontherapie, radiotherapie).

Het gemiddelde risico op herval is in deze groep al erg laag, en het verschil tussen de 2 procedures is dan ook erg klein: de kans op herval daalt van 6 op 1000 vrouwen zonder okselklieruitruiming naar 5 op duizend vrouwen bij wie de ingreep wel wordt uitgevoerd (dit is min 0,14%).

Het risico op herval hangt o.m. af van de grootte van de eerste, ‘primaire’ tumor, de grootte van de tumoren in de schildwachtklier en de aanwezigheid van kankercellen in de bloedvaten en lymfeklieren van de tumor (lymfovasculaire invasie). Aan de hand van een rekenmodel kan men dit risico per patiënte inschatten, en deze inschatting kan onnodige okselklieruitruimingen helpen voorkomen.

Het is alleszins belangrijk dat de patiënte voor de ingreep goed wordt geïnformeerd over de mogelijkheden, de risico’s en de mogelijke gevolgen van de uiteindelijke beslissing.

3. Als er in meer dan 3 schildwachtklieren kankercellen worden aangetroffen blijft okselklierverwijdering aanbevolen.

Avastin

Het KCE raadt ook het gebruik van het geneesmiddel Avastin®bij uitgezaaide borstkanker af. De beloofde resultaten (verlenging van de overleving met 5,5 maanden) worden niet gehaald. Bovendien zorgt het dure geneesmiddel voor ernstige nevenwerkingen zoals bloedingen en perforatie van maag en darmen.

Het geneesmiddel bevacizumab (Avastin®) leek aanvankelijk veelbelovend voor de behandeling van uitgezaaide borstkanker. De fabrikant beweerde dat het de overleving met 5,5 maanden zou verlengen. Na enkele jaren blijken de resultaten teleurstellend te zijn: de overleving of de levenskwaliteit verbeteren niet en het geneesmiddel veroorzaakt nevenwerkingen zoals bloedingen, perforatie van maag en darmen en bloedklonters. Om die redenen besliste de Amerikaanse FDA (Food and Drug Administration) in november 2011 om de vergunning van het dure geneesmiddel voor de behandeling van borstkanker in te trekken.

In België wordt Avastin® nog steeds gebruikt en terugbetaald voor de behandeling van uitgezaaide borstkanker die niet kan worden behandeld met chemotherapie (de zgn. triple negative of drievoudig-negatieve borstkanker). Aangezien Avastin® ook voor deze patiënten niet leidt tot een verbeterde overleving, beveelt het KCE aan om het gebruik ervan stop te zetten.

https://kce.fgov.be/nl/publication/report/borstkanker-bij-vrouwen-diagnose-behandeling-en-follow-up




ad


pub