Minder vroeggeboortes sinds invoering rookverbod

Laatst bijgewerkt: april 2013
pasgeb-premat-17000_05-.jpg

nieuws Sinds de invoering van het rookverbod, is het aantal vroeggeboortes in ons land gedaald. Dat blijkt uit een onderzoek van de Universiteit Hasselt en KU Leuven dat werd gepubliceerd in het gezaghebbende British Medical Journal.
Er bestaat heel wat onderzoek dat aantoont dat roken tijdens de zwangerschap de foetale groei kan vertragen en tot vroeggeboorte kan leiden. De effecten van passief roken zijn minder eenduidig.

In de jaren voor 2006 was het risico op vroeggeboorte - bevalling voor het einde van de 37ste week van de zwangerschap – in België vrij constant: gemiddeld rond de 7,2% van alle spontane geboorten. Na de invoering van het rookverbod in restaurants in 2007, daalde het risico op vroeggeboortes met 3,13 procent. Met het rookverbod in eetcafés in 2010 nam dat risico met nog eens 2,65 procent af.
In totaal daalde het risico op vroeggeboorte dus met bijna 6 procent, wat overeenkomt met 360 vroeggeboortes minder per jaar.
Een baby die op 36 weken geboren wordt, heeft dubbel zoveel kans op een handicap of een blijvende ziekte. Op 30 weken is dat al 20 keer meer kans. Meest voorkomend zijn hart- en vaaktziektes.
Voor het onderzoek werden meer dan 606.877 geboortes in Vlaanderen, die tussen 2002 en 2011 werden geregistreerd door het Centrum voor Perinatale Epidemiologie, in rekening gebracht.

Het rookverbod heeft ook gezorgd voor een algemene daling van het aantal rokende vrouwen. In 1997, 2001 en 2004 rookten in Vlaanderen nog 22 procent van de vrouwen, in 2010 was dat 17,9 procent. Zo’n 12,3 procent bleef roken tijdens de zwangerschap.
Er dient wel te worden aangestipt dat met dit soort van epidemiologisch onderzoek wel een verband in de tijd kan worden vastgesteld, maar geen oorzakelijk verband tussen het rookverbod en de daling van het aantal vroeggeboorten kan worden bewezen.


bron: BMJ 2013; DOI: 10.1136/bmj.f441.



pub