Vuile lucht verkort leven met twee jaar

Laatst bijgewerkt: november 2019
huis-groen-gras-deur-170_400_12.jpg

nieuws Volgens een rapport van het Europees Milieuagentschap (EEA) verkort luchtvervuiling, en met name fijnstof, in sommige delen van Europa het leven met bijna 2 jaar. Het rapport zegt niet over welke landen het gaat, maar het zou vooral om enkele streken in Polen en andere industriegebieden in Oost-Europa. Voor heel Europa zou fijnstof verantwoordelijk zijn voor een verkorting van de levensduur met gemiddeld 8 maanden.

• Fijnstof (PM) vormt het ernstigste gezondheidsrisico als gevolg van luchtverontreiniging in de EU en leiden tot vroegtijdige sterfte. Het rapport schat dat in 2010 21% van de stedelijke bevolking aan PM10-concencratieniveaus blootgesteld was die boven de strengste EU-daggrenswaarde lagen bedoeld om de gezondheid te beschermen. Tot 30% van de stedelijke bevolking was aan fijnere PM2.5-concentratieniveaus boven de (minder strenge) EU-jaargrenswaarden blootgesteld. Volgens de referentieniveaus van de WHO, die zelfs nog strenger zijn dat de bij het EU-recht opgelegde niveaus, was respectievelijk tot 81 % en 95 % van de stedelingen blootgesteld aan PM-concentraties die de referentiewaarden overschrijden die voor de bescherming van de menselijke gezondheid zijn vastgesteld – hetgeen de urgentie van de komende evaluatie van de luchtwetgeving onderstreept.

• Ozon (O3) kan gezondheidsproblemen in verband met de ademhaling veroorzaken en tot vroegtijdige sterfte leiden. De blootstelling in steden is zeer hoog – 97% van de stadsbewoners in de EU was in 2010 aan O3-concentraties boven het referentieniveau van de WHO blootgesteld. 17% was aan concentraties boven de EU-streefwaarde voor O3 blootgesteld. In 2009 was 22% van het bouwland in Europa aan schadelijke concentraties van O3 blootgesteld, wat tot verliezen voor de landbouw leidde.

• Stikstofdioxide (NO2) is een belangrijke oorzaak van eutrofiëring (buitensporige planten- en algengroei in het water) en aanzuring, en draagt ook tot de vorming van PM en O3 bij. In 2010 was 7% van de Europeanen die in de steden leven aan NO2-niveaus boven de EU-grenswaarden blootgesteld. De nationale emissies van stikstofoxiden in veel Europese landen overschrijden nog steeds de emissieplafonds uit hoofde van de EU-wetgeving en de overeenkomsten van de Verenigde Naties.

• Benzo[a]pyreen (BaP) is een carcinogeen. Een aanzienlijk deel van de stedelijke bevolking in de EU (20-29% tussen 2008 en 2010) was aan concentraties blootgesteld die de EU-streefwaarde overschrijden waaraan tegen 2013 moet worden voldaan. De toename van de BaP-emissies in Europa de jongste jaren is dan ook een reden tot bezorgdheid.

• Zwaveldioxide (SO2) is een succesverhaal: de jongste jaren zijn de emissies significant verminderd dankzij EU-wetgeving die het gebruik van emissies reinigende technologie en een lager zwavelgehalte in brandstoffen verplicht stelt. 2010 was het eerste jaar dat de stedelijke bevolking in de EU niet aan SO2-concentraties boven de EU-grenswaarde was blootgesteld.

• De concentraties van koolmonoxide, benzeen en zware metalen (arseen, cadmium, nikkel, lood) in de buitenlucht zijn over het algemeen laag, komen in de EU slechts lokaal en sporadisch voor en de bij de EU-wetgeving vastgestelde grens- en streefwaarden worden niet vaak overschreden.

Slechte luchtkwaliteit kan hartkwalen, respiratoire problemen, longkanker, ademhalingsmoeilijkheden en andere ziekten veroorzaken. Sommige verontreinigende stoffen kunnen tot eutrofiëring, verminderde opbrengsten van landbouwgewassen en afnemende aanwas van bosbestanden leiden en een impact op het klimaat hebben. De emissies van verschillende verontreinigende stoffen zijn de jongste jaren verminderd, wat op sommige plaatsen in een verbeterde luchtkwaliteit heeft geresulteerd.

Zij hebben evenwel niet altijd in een overeenkomstige daling van de concentraties van verontreinigende stoffen in de atmosfeer geresulteerd. De aanhoudende problemen met de luchtkwaliteit vereisen verdere inspanningen om de emissies van verschillende verontreinigende stoffen te beperken.




pub