Heeft uw kind ADHD ?

Laatst bijgewerkt: augustus 2012
123-speelgoed-adhd-170_07.jpg

nieuws ADHD staat voor Attention Deficit/Hyperactivity Disorder, wat in het Nederlands vertaald wordt als aandachtstekort (of aandachtsstoornis) met hyperactiviteit/impulsiviteit.

Aandachtstekort wordt gekenmerkt door: moeite hebben om de aandacht ergens bij te houden (concentratieproblemen), fouten maken door achteloosheid, makkelijk afgeleid worden, vaak niet bij de zaak zijn, het moeilijk kunnen ordenen van activiteiten, er moeilijk in slagen iets af te werken, vergeetachtig zijn, aanwijzingen niet goed opvolgen en vaak dingen kwijtspelen.

Hyperactiviteit wordt gekenmerkt door: overbeweeglijkheid (met handen of voeten of met het hele lichaam), moeilijk kunnen blijven zitten. Bij kinderen uit zich dit in moeilijk rustig kunnen spelen, vaak overal op klimmen en voortdurend rondrennen, de drang om voortdurend te praten. Bij volwassenen uit zich dit meer door een innerlijk gevoel van rusteloosheid, niet kunnen ontspannen, moeilijk kunnen blijven zitten en constant in de weer zijn.

Impulsiviteit wordt gekenmerkt door: handelen zonder na te denken over de gevolgen, moeilijk dingen kunnen uitstellen of de beurt afwachten, anderen onderbreken, al een antwoord geven vooraleer de vraag volledig gesteld is, spanning en sensatie zoeken.

In België lijdt naar schatting ongeveer 3 tot 5 % van de schoolgaande kinderen aan ADHD.
Men kan zeggen dat ADHD voor 75 à 80% genetisch bepaald is. Bepaalde factoren in het gezin, op de school, in de werkomgeving, in de vriendenkring … kunnen de aanwezige aanleg versterken.

Tot nog toe bestaat er geen enkele medische of psychologische test die je zwart op wit kan bewijzen of uw kind ADHD heeft. De kenmerken van ADHD kunnen zich naargelang de leeftijd, de situatie, de aanwezigheid van andere personen … zeer verschillend uiten. Bovendien kunnen deze kenmerken ook het symptoom zijn van een andere, gelijkaardige stoornis of kan het beeld van ADHD gemaskeerd worden door één of meerdere bijkomende stoornissen. De diagnostiek van ADHD gebeurt daarom bij voorkeur door een team van specialisten.

Test
Wanneer u vermoedt dat uw kind misschien ADHD heeft, kan u met deze test nagaan of er mogelijk iets aan de hand is. Deze test is gebaseerd op de criteria van DSM-IV over ADHD.

Aandachtsproblemen
Volgens de DSM-IV heeft iemand ADHD als hij/zij 6 of meer van de volgende aandachtsproblemen vaak (de meeste dagen van de week) heeft. Deze dienen tenmiste zes maanden aanwezig geweest te zijn. Een kind heeft pas ADHD, als het deze verschijnselen duidelijk meer heeft dan kinderen van dezelfde leeftijd en als het dagelijks doen en laten er ernstig door beperkt wordt.

1. Het kind slaagt er vaak niet in voldoende aandacht te geven aan details of maakt achteloos fouten in schoolwerk, werk of bij andere activiteiten
2. Het heeft vaak moeite de aandacht bij taken of spel te houden.
3. lijkt vaak niet te luisteren als hij/zij direct aangesproken wordt
4. Het volgt vaak aanwijzingen niet op en slaagt er vaak niet in schoolwerk, karweitjes af te maken of verplichtingen op het werk na te komen (niet het gevolg van oppositioneel gedrag of van het onvermogen om aanwijzigen te begrijpen)
5. Het heeft vaak moeite met het organiseren van taken en activiteiten
6. Het vermijdt vaak, heeft een afkeer van of is onwillig zich bezig te houden met taken die een langdurige aandacht (langdurige geestelijke inspanning) vereisen (zoals school- of huiswerk)
7. Het raakt vaak dingen kwijt die nodig zijn voor taken of bezigheden (bijvoorbeeld speelgoed, huiswerk, potloden, boeken of gereedschap)
8. Het wordt vaak gemakkelijk afgeleid door uitwendige prikkels
9. Het is vaak vergeetachtig bij dagelijkse bezigheden

Hyperactiviteit en Impulsiviteit
Iemand heeft ook ADHD als hij of zij 6 of meer kenmerken van hyperactiviteit of impulsiviteit vaak (de meeste dagen van de week) heeft. Een kind heeft pas ADHD, als het deze verschijnselen duidelijk meer heeft dan kinderen van dezelfde leeftijd en als het dagelijks doen en laten er flink door beperkt wordt.

Hyperactiviteit
1. Het beweegt vaak onrustig met handen of voeten, of draait in zijn/haar stoel
2. Het staat vaak op in de klas of in andere situaties waar verwacht wordt dat men op zijn plaats blijft zitten
3. Het rent vaak rond of klimt overal op in situaties waarin dit ongepast is (bij adolescenten of volwassenen kan dit beperkt blijven tot subjectieve gevoelens van rusteloosheid)
4. Het kan moeilijk rustig spelen of zich bezighouden met ontspannende activiteiten
5. Het is vaak "in de weer" of "draaft maar door"
6. Het praat vaak aan een stuk door

Impulsiviteit
7. Het gooit het antwoord er vaak al uit voordat de vragen afgemaakt zijn
8. Het heeft vaak moeite op zijn/haar beurt te wachten
9. Het verstoort vaak bezigheden van anderen of dringt zich op (bijvoorbeeld mengt zich zomaar in gesprekken of spelletjes)

Veel van deze verschijnselen komen ook bij veel gewone kinderen voor. Bij het ene kind minder, bij het andere meer. Een kind heeft pas ADHD, als het deze verschijnselen duidelijk meer heeft dan kinderen van dezelfde leeftijd, als het dagelijks doen en laten er flink door beperkt wordt, en als dat allemaal minstens 6 maanden duurt. Verder moet het kind enkele verschijnselen al voor zijn 7de jaar hebben gehad.
De feitelijke diagnose kan echter alleen gesteld worden door een deskundige.



verschenen op : 22/08/2012


pub