Anticonceptie na een zwangerschap

Laatst bijgewerkt: augustus 2019

nieuws Vanaf tien dagen na de bevalling zijn er geen medische bezwaren tegen vrijen. Het is niet te zeggen op welk moment na de bevalling u weer vruchtbaar bent. Dat is bij elke vrouw verschillend en hangt onder andere samen met het feit of u borst- of flesvoeding geeft.
Gebruik als u niet zwanger wilt worden altijd een voorbehoedmiddel, ook als u borstvoeding geeft.

U geeft borstvoeding
Zolang u uitsluitend borstvoeding geeft en niet menstrueert, is de kans op zwangerschap klein (2 procent). Zodra u de borstvoeding vermindert, kolft, flesvoeding of bijvoeding erbij geeft wordt de kans op zwangerschap groter. Zodra u weer vaginaal bloedverlies heeft, bent u ook bij volledige borstvoeding mogelijk weer vruchtbaar. Wacht evenwel niet tot de menstruatie terug op gang komt; het risico op een ongeplande zwangerschap is immers groot.

• Gebruik in het begin eventueel een condoom.

• U kan ook de zogenaamde LAM-methode (Lactatie Amenorroe Methode) gebruiken. Deze methode is alleen veilig indien u:
- volledige borstvoeding geeft. De baby krijgt de borst op verzoek (dus niet op vaste tijden), dag en nacht, met tussenpozen van niet meer dan 6 uur;
- de baby krijgt geen bijvoeding, behalve eventueel een klein beetje water en vitaminen;
- bij bloedverlies na meer dan 8 weken na de bevalling is de kans op bevruchting toegenomen en moet een aanvullende methode gebruikt worden (bv. condoom, periodieke onhouding). Na 6 maanden wordt in elk geval een aanvullende methode geadviseerd.

• Wenst u de pil te gebruiken, gebruik dan tijdens de eerste zes weken bij voorkeur een pil met alleen progestageen (progestogen-only pil), omdat dit minder invloed heeft op de hoeveelheid borstvoeding. De hormonen van de pil komen wel in de moedermelk terecht, maar dit lijkt niet schadelijk te zijn voor het kind.

U kan hiermee starten wanneer u wilt.
- Start u binnen de 21 dagen na de bevalling, dan zijn geen bijkomende beschermingsmaatregelen nodig.
- Start u na 21 dagen, dan is aanvullende bescherming (bv. condoom) gedurende 2 dagen nodig.

• Het gebruik van combinatiepreparaten (pil, ring, pleister) met oestrogeen en progestageen tijdens de eerste zes weken wordt niet aangeraden. Mogelijk hebben deze combinatiepreparaten enig effect op de hoeveelheid borstvoeding.
Ook nadien wordt de combinatiepil niet aangeraden indien u volledig borstvoeding wilt geven. Als u een combinatiepil gebruikt, kan de borstvoeding namelijk iets teruglopen. Zorg dan dat u op verzoek blijft voeden om de aanmaak van melk te blijven stimuleren.

Indien u geen volledige borstvoeding geeft, kan u vanaf week zes wel overschakelen op de combinatiepil.
• U kan ook kiezen voor een implantatiestaafje. Begint u daarmee binnen de 21 dagen na de bevalling, dan is geen bijkomende bescherming nodig. Begint u later, dan is wel bijkomende bescherming nodig gedurende 7 dagen.

• Een spiraaltje kan vier tot zes weken na de bevalling worden ingebracht. Een koper- of hormoonspiraaltje heeft geen invloed op de borstvoeding of de groei van het kind.

U geeft flesvoeding
Bent u minder dan 21 dagen geleden bevallen, dan hoeft u geen anticonceptie te gebruiken. Vanaf dag 21 kan u opnieuw zwanger worden en moet u anticonceptie gebruiken wanneer u vrijt.

• Wanneer u flesvoeding geeft en de pil wilt gebruiken, is het aan te raden binnen twee weken na de bevalling te starten met de pil met alleen progestageen (prikpil of progestogen-only pil). Start u binnen de 21 dagen na de bevalling, dan zijn geen bijkomende beschermingsmaatregelen nodig. Start u na 21 dagen, dan is aanvullende bescherming (bv. condoom) gedurende 2 dagen nodig.

• Na 21 dagen kan u ook direct starten met een combinatiepreparaat. U hebt dan wel gedurende de eerste 7 dagen bijkomende bescherming nodig.

• U kan ook kiezen voor een implantatiestaafje. Begint u daarmee binnen de 21 dagen na de bevalling, dan is geen bijkomende bescherming nodig. Begint u later, dan is wel bijkomende bescherming nodig gedurende 7 dagen.

• Vier tot zes weken na de bevalling kan de huisarts een spiraaltje plaatsen.


bron: Richtlijn ‘Hormonale Anticonceptie’ - www.domusmedica.be
verschenen op : 21/08/2012 , bijgewerkt op 06/08/2019


pub