Voor- en nadelen van hormonale substitutietherapie bij menopauze

Laatst bijgewerkt: maart 2019

dossier Hormonale substitutie bij de menopauze kan worden gegeven als behandeling voor klachten die het gevolg zijn van oestrogeenderving (zoals warmteopwellingen, urogenitale klachten...) of als preventie van de gevolgen van oestrogeentekort op lange termijn zoals osteoporose.
Gelet op een aantal recente studies die hebben aangetoond dat de nadelen van hormonale substitutietherapie op lange termijn mogelijk groter zijn dan de voordelen, wordt steeds meer afgeraden om substitutietherapie op lange termijn (langer dan één à twee jaar) te gebruiken, tenzij in zeer specifieke gevallen.

zie ook artikel : Test jezelf: Ben ik in de menopauze?

Negatieve studie

123-txt-HST-horomon-03-19.png
Vooral een studie van de Women's Health Initiative, een Amerikaanse onderzoeksgroep die gefinancierd wordt door het officiële National Heart, Lung and Blood Institute, en die in juli 2002 voortijdig werd stopgezet omdat de risico's groter waren dan de vermeende voordelen, heeft veel stof doen opwaaien.

De studie vergeleek de effecten van een bepaald type van hormoonvervangende therapie, nl. een combinatieproduct van oestrogenen met een progestageen (0,625 mg geconjugeerde oestrogenen en 2,5 mg medroxyprogesteron). Het onderzoek betrof meer dan 16.000 vrouwen tussen 50 en 79 jaar. De studie werd na 5 jaar voortijdig stopgezet nadat was gebleken dat het risico op borstkanker bij vrouwen die deze pil gedurende lange tijd nemen, met 26% steeg. Ook was er een verhoogd risico op hartproblemen en trombose.
In absolute cijfers werd vastgesteld dat bij 10.000 vrouwen die deze pil gebruiken, er elk jaar 7 extra gevallen van hartziekten zijn, 8 extra gevallen van borstkanker, 6 vrouwen minder met colonkanker en 5 vrouwen minder met heupbreuken. Gerekend over vijf jaar betekent dat er voor 1 op 100 vrouwen een verhoogd risico bestond op een of andere aandoening.

In een aanbeveling zeggen de verantwoordelijken van de studie dat
• de gecombineerde pil niet langer mag worden voorgeschreven om hart- en vaatziekten na de menopauze te voorkomen
• wat het voorkomen van osteoporose betreft, moet elke vrouw samen met haar arts zorgvuldig de voor- en nadelen van dergelijke therapie en de concrete risico's afwegen, en nagaan of er geen andere methoden bestaan
• aan kortstondig gebruik van deze producten om de vervelende overgangsklachten te voorkomen, zijn beperkte risico's verbonden en ook daar moeten de nadelen worden afgewogen tegen de voordelen.

Bij een tweede groep vrouwen die alleen oestrogeentherapie krijgt, werden minder nadelige effecten vastgesteld. Dat onderdeel van de studie loopt dus gewoon verder.

1. Substitutietherapie op korte termijn

123-apoth-medic-08-15.jpg
De behandeling van subjectieve menopauzale klachten kan van korte duur zijn (meestal minder dan één jaar).
Wanneer het opheffen van de atrofie van de slijmvliezen het enige doel is van de behandeling, kan de dosis oestrogenen meestal verminderd worden of volstaat lokale of systemische toepassing van een biologisch minder actief oestrogeen.

Ongewenste effecten
• Hoofdpijn, misselijkheid en pijnlijke borsten kunnen voorkomen. Dit heeft meestal te maken met een te hoge dosering van de oestrogenen. Dit kan opgelost worden door de dosis te verlagen of over te schakelen op een ander middel.
• Soms hebben vrouwen die vroeger last hadden van een premenstrueel syndroom gelijkaardige problemen tijdens de hormonale therapie. De arts moet dan uitzoeken met welk product de vrouw geen problemen ondervindt.

zie ook artikel : Het premenstrueel syndroom (of PMS)

• Uitzonderlijk kunnen er wijzigingen in de vorm van het oog optreden waardoor het dragen van contactlenzen moeilijker wordt.
• Bij sommige vrouwen kunnen de tabletten leiden tot maagklachten. Een huidklever of een inplanteerbaar tablet kunnen dan een oplossing bieden. Huidklevers verdienen ook de voorkeur bij vrouwen die vroeger reeds een trombose hebben gehad tijdens de zwangerschap of terwijl ze de pil gebruikten, en bij bepaalde gezondheidsproblemen (bv. leverziekten, galblaasstenen).
• Sommige vrouwen kunnen iets zwaarder worden, maar met de huidige hormonentherapie is dat nog slechts zelden het geval en behoudt de vrouw haar vroegere gewicht.

Tegenaanwijzingen
• Vermits er ernstige aanwijzingen bestaan dat substitutietherapie het risico op hart- en vaatziekten, de vorming van bloedklonters en op bepaalde vormen van herseninfarct (CVA) verhoogt, ook op de korte termijn, wordt de therapie afgeraden voor mensen met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en op CVA.
• Hormoontherapie wordt ook afgeraden bij vrouwen met een verhoogd risico op hormoongebonden kankers, zoals borstkanker en endometriumkanker.

2. Substitutietherapie op lange termijn

Gelet op een aantal recente studies die hebben aangetoond dat de nadelen van hormonale substitutietherapie op lange termijn groter zijn dan de voordelen, raden diverse gezaghebbende instanties af om substitutietherapie op lange termijn te gebruiken, tenzij in heel specifieke gevallen om osteoporose bij risicopatiënten te voorkomen. Ter voorkoming of behandeling van osteoporose bestaan evenwel alternatieven.

zie ook artikel : Menopauze: de behandeling

123-osteopor-vergrootgl-vraagt-02-18.jpg

Botverlies (osteoporose)
Een preventieve behandeling met oestrogenen gaat het postmenopauzale botverlies tegen. Substitutietherapie om preventieve redenen is slechts zinvol indien de behandeling minstens gedurende vijf jaar wordt verdergezet. Na onderbreken van de substitutietherapie gaat het beschermend effect geleidelijk verloren.
Volgens de studie van het Women's Health Initiative (WHI) zou substitutietherapie met een combinatie van oestrogenen en progestageen bij gezonde vrouwen na 5 jaar het aantal heupbreuken met 34% doen dalen en het totaal aantal botbreuken met 24%. Dit zou betekenen dat er 5 heupfracturen minder per 10.000 vrouwen per jaar zouden voorkomen.

zie ook artikel : Osteoporose: oorzaken en behandeling

Hart- en vaatziekten
Alhoewel substitutietherapie op korte termijn een positief effect heeft op bepaalde risicofactoren voor hart- en vaatziekten (zoals een vermindering van het 'slechte' LDL-cholesterol en een verhoging van het 'goede' HDL-cholesterol), hebben recente studies aangetoond dat dit effect zich niet vertaalt in het voorkomen van hart- en vaatziekten. Integendeel blijken vrouwen die substitutietherapie volgen, een verhoogd risico op hart- en vaatziekten te hebben.
Volgens de WHI-studie zou substitutietherapie met oestrogenen en progestagenen leiden tot een 22% verhoogd risico op hart- en vaatziekten in het algemeen. Het risico op een hartaanval zou met 22% toenemen (7 extra hartaanvallen per 10.000 vrouwen per jaar), het risico op een herseninfarct zou met 41% stijgen (8 extra gevallen per 10.000 vrouwen per jaar) en het risico op de vorming van bloedklonters zou met 50% stijgen (18 extra gevallen per 10.000 vrouwen per jaar, waarvan 8 met een longembolie).
Ook behandeling met oestrogenen alleen zou een verhoogd risico op hart- en vaatziekten inhouden.
Het risico op hart- en vaatziekten neemt toe vanaf het eerste jaar, wordt sterker tijdens het tweede jaar en stabiliseert in de daaropvolgende jaren.

zie ook artikel : Trombose en longembolie

123-dr-oz-pat-stet-01-18.jpg
Borstkanker
Recente studies hebben aangetoond dat de combinatie van oestrogenen met progestagenen het risico op borstkanker verhoogt. Therapie met uitsluitend oestrogenen zou een minder negatief effect hebben, maar zou toch ook het risico op borstkanker verhogen. Het risico stijgt met de dosis hormonen en met de duur van de inname. Na vijf jaar zou het risico op borstkanker bij gezonde vrouwen met een kwart toenemen. Volgens de recente WHI-studie bedraagt de toename 26%, wat neerkomt op een jaarlijkse verhoging van borstkanker van 8 vrouwen per 10.000.

Anderzijds blijkt hormoontherapie niet te leiden tot een hoger sterftecijfer ten gevolge van borstkanker. Maar dit zou kunnen te wijten zijn aan het feit dat vrouwen die hormonen nemen doorgaans gezonder zijn en beter medisch worden opgevolgd. Het verhoogd risico zou geleidelijk verdwijnen wanneer de therapie wordt stopgezet.

zie ook artikel : Borstkanker

Endometriumkanker
Langdurige behandeling met oestrogenen zonder progestativa leidt tot hyperplasie van het endometrium (toename van het baarmoederslijmvlies), met een sterk verhoogd risico op endometriumkanker. Bij vrouwen die nog een baarmoeder hebben, moet aan een behandeling met oestrogenen daarom steeds een progestageen worden toegevoegd, hetzij cyclisch, hetzij in een lagere dosis continu. Dit sluit de mogelijkheid van ongewenste effecten op het baarmoederslijmvlies echter niet volledig uit.
Bij vrouwen die een hysterectomie hebben ondergaan, bestaat er geen reden om progestageen toe te voegen aan de oestrogenen.
Het risico of endometriumkanker neemt toe met de duur van de behandeling en blijft ook na het stopzetten van de behandeling hoger dan bij vrouwen die nooit hormonen hebben gebruikt.

Eierstokkanker
Twee recente grootschalige studies hebben aangetoond dat oestrogenen het risico op eierstokkanker gevoelig verhogen. Het effect is afhankelijk van de gebruikte dosis en van de duur van de behandeling. Ook de combinatie van oestrogenen met een progestageen dat cyclisch wordt toegediend, verhoogt het risico op eierstokkanker. Terwijl de continue toediening van een progestageen met oestrogenen geen effect zou hebben op eierstokkanker.

Colonkanker
Bij vrouwen die de combinatie oestrogenen en progestagenen nemen, vermindert het risico op colonkanker. In de WHI-studie bedroeg de vermindering 37%, hetzij 6 vrouwen per 10.000 per jaar. Dit positieve effect werd vastgesteld vanaf het derde jaar en zou ook gedeeltelijk behouden blijven na het stopzetten van de therapie.

Geheugenfunctie en dementie
Er zijn aanwijzingen dat hormonale substitutietherapie een gunstig effect heeft op de geheugenfunctie van oudere vrouwen en het risico op dementie zou kunnen verminderen. Bij gebrek aan voldoende betrouwbare studies is het momenteel echter onmogelijk om daarover definitieve uitspraken te doen.

Meer informatie (in het Engels) over de studie van de Women's Health Initiative en over de voor- en nadelen van substitutietherapie is te vinden op de officiële website van de WHI: www.whi.org

zie ook artikel : Behandeling van menopauzale klachten






pub