33 vragen over de winter- of seizoensgriep (Influenza - griep)

Laatst bijgewerkt: October 2015 | 6 reacties
In dit artikel
33 vragen over de winter- of seizoensgriep (Influenza - griep)

dossier Wat iedereen gewoonlijk ‘griep’ noemt, is vaak niet meer dan een zware verkoudheid. Echte griep of influenza, is een van de meest onderschatte ziekten. Door het opduiken van een nieuw H1N1-virus geraakte de wereld in de ban van de griep. Hierdoor zou je bijna vergeten dat er in Vlaanderen alleen al elk jaar bijna duizend personen sterven aan de complicaties van de gewone seizoensgriep. Seizoensgriep is de jaarlijks terug opduikende wintergriep die veroorzaakt wordt door gewone, bekende en jaarlijks terugkerende griepvirussen. Doordat de seizoensgriep bijna elk jaar veroorzaakt wordt door een ander griepvirus, wordt het griepvaccin elk jaar aangepast. Vandaar dat de enige manier om beschermd te zijn tegen de seizoensgriep een jaarlijkse vaccinatie is.

1. Wat is griep?

Griep of Influenza is een acute infectie van de bovenste luchtwegen (neus, keel, longen) en wordt veroorzaakt door het influenzavirus dat jaarlijks opduikt in de winterperiode. Vandaar ook de naam Influenza. Van dit virus bestaan er drie types, A, B en C. Het A-type is verantwoordelijk voor de meest ernstige infecties.
Het griepvirus is bijzonder besmettelijk. Het is vaak al voldoende in contact te komen met een besmet persoon opdat de virussen kunnen doordringen in het neusslijmvlies, de luchtpijp en de bronchi en zich daar uitbreiden. Op enkele weken tijd kan een griepepidemie 5 tot 10% van de bevolking aantasten.

2. Wat is het verschil tussen de gewone wintergriep (of seizoensgriep) en Mexicaanse griep (of Pandemische Griep A/H1N1)?

De ‘gewone’ winter- of seizoensgriep komt elk jaar in de winter voor.
Sinds begin 2009 is een totaal nieuw griepvirus H1N1 opgedoken dat de zogenaamde Mexicaanse griep veroorzaakt. Men noemt het ook een pandemische griep omdat dit virus nieuw is en zich over de hele wereld heeft verspreid.

De symptomen van de Mexicaanse griep zijn vergelijkbaar met de symptomen van de jaarlijkse winter- of seizoensgriep:
- een plotse koortsopstoot (+ 38°C),
- spierpijn,
- vermoeidheid
- klachten van de luchtwegen (neus, keel, luchtpijpen, soms longen), zoals hoest en lopende neus,
- keelpijn, hoofdpijn
- soms diarree,
- zich onwel voelen.

De gewone seizoensgriep ontstaat door een bekend virus. Veel mensen hebben al weerstand tegen zo’n virus. Daardoor worden minder mensen ziek en verspreidt het virus zich minder snel. Bij de gewone griep is er genoeg tijd om een vaccin te maken die mensen tegen dit virus beschermt.

3. Hoe weet ik of ik de gewone Seizoensgriep dan wel de Mexicaanse griep heb?

Er is nauwelijks een verschil tussen de ‘gewone’ griep en Influenza A (H1N1). In beide gevallen zijn de symptomen: koorts, koude rillingen, hoofdpijn, spierpijn, moeheid en een droge hoest. Als u griep hebt, kan het dus zowel om de gewone seizoensgriep gaan als om de Mexicaanse griep. Alleen laboratoriumonderzoek kan aantonen welk virus de griep veroorzaakt.

4. Wat is het verschil tussen griep en een verkoudheid?

Veel mensen verwarren een gewone verkoudheid met griep. Het gaat in beide gevallen om een infectie van de bovenste luchtwegen door virussen.
Van griep ben je meestal ernstiger ziek dan van een verkoudheid. Koorts en spierpijn treden meestal niet op bij verkoudheid. De symptomen van een verkoudheid verdwijnen in het algemeen ook sneller en complicaties zoals een longontsteking komen zelden voor.

De belangrijkste griepsymptomen zijn:
• snel opkomende koorts (> 38°C)
• spierpijn, hoofdpijn
• rillerig
• vermoeid en uitgeput
• keelpijn
• hoesten

zie ook artikel : Verkoudheid - Van tocht word je niet verkouden!

5. Hoe verspreidt het griepvirus zich?

Het griepvirus wordt vooral overgebracht via de lucht met speekseldruppeltjes die vrijkomen door te hoesten of te niezen. Deze druppeltjes, die zich in de lucht verplaatsen, kunnen iemand rechtstreeks besmetten via de ademhaling. Dit gebeurt vooral in ruimten waar mensen dicht bij elkaar zitten en waar slecht geventileerd wordt, bijvoorbeeld in een trein of bus, een school of kinderdagverblijf. Via de lucht komen virussen ook terecht op allerlei voorwerpen. Iemand kan besmet worden als hij een voorwerp aanraakt (bv. een deurknop, speelgoed) waarop zich virussen bevinden en daarna zijn ogen, neus of mond aanraakt. Het speeksel kan ook overgedragen worden door de handen (door de mond af te schermen tijdens het hoesten) via voorwerpen die erdoor aangeraakt zijn.
Het griepvirus is zeer besmettelijk. Praten met iemand die griep heeft, kan al voldoende zijn om geïnfecteerd te worden. Wie in een de bus of trein zit naast iemand die griep heeft, kan zomaar geïnfecteerd raken. Wie veel op drukbezochte plaatsen of in afgesloten ruimten verblijft, heeft veel kans besmet te worden.
Tijdens een griepepidemie krijgt ongeveer 10 tot 20% van de mensen de griep. Bij schoolgaande kinderen en kinderen die in een crèche verblijven kan tot 45% ziek worden. Als het griepvirus via uw kind of uzelf in het gezin ronddwarrelt, krijgt uiteindelijk tenminste 30% van de andere gezinsleden ook griep.

6. Hoe komt het dat mensen vooral in de winter griep krijgen?

Influenza komt in gebieden met een gematigd klimaat alleen in het winterseizoen (november - maart) voor. In het zuidelijk halfrond valt het griepseizoen wanneer het daar winter is (maart-november). In tropische gebieden daarentegen, komt het het hele jaar rond voor.
Waarom wij alleen 's winters met influenza te maken hebben komt waarschijnlijk doordat we in koude periodes meer binnenshuis met elkaar doorbrengen en het virus in de koude vochtige buitenlucht langer kan overleven.

7. Hoe ernstig is griep?

man-ziek-bed-3-150.jpg
Voor de meeste mensen is griep een goedaardige ziekte. Gezonde mensen genezen normaal vanzelf na vijf tot zeven dagen. De koorts vermindert na een tweetal dagen en is na vijf dagen verdwenen. Het kan dan nog wel een paar weken duren voor je helemaal de oude bent. Ook de hoest kan enkele weken aanhouden.
Toch kunnen er bij bepaalde risicopersonen ernstige complicaties optreden, zoals een longontsteking, die zelfs dodelijk kunnen zijn. Elk jaar overlijden er in ons land enkele duizenden mensen ten gevolge van dergelijke complicaties.

8. Voor wie kan de griep gevaarlijk zijn?

De griep kan bestaande ziekten, zoals bv. diabetes, verergeren. Het kan bij sommige personen ook ernstige complicaties veroorzaken, zoals longontsteking.

Volgende mensen worden als risicopersoon beschouwd:
• mensen met een chronische hartziekte; dit zijn veelal mensen die een hartaanval gehad hebben, die hartklachten hebben zoals hartritmestoornissen, of mensen die een hartoperatie hebben ondergaan;
• mensen met een chronische longziekte zoals astma, COPD, mucoviscidose
• mensen met suikerziekte (diabetes); niet alleen mensen die insuline spuiten, maar ook mensen die tabletten met bloedsuikerverlagende middelen slikken of een dieet volgen;
• nier- en leverpatiënten;
• mensen met een verzakte afweer door ziekte (bv. kanker, HIV...) of een medische behandeling, bijvoorbeeld mensen die recent een beenmergtransplantatie hebben ondergaan, mensen met kanker die chemotherapie of bestraling ondergaan, mensen met chronische inflammatoire aandoeningen (zoals chronische artritis, de ziekte van Crohn en psoriasis) die immuunonderdrukkende geneesmiddelen nemen;
• Mensen met een ernstige neurologische aandoening (bv: hersenverlamming);
• mensen van 65 jaar en ouder. Ouderen die in een bejaarden- of verzorgingstehuis verblijven, zijn bij een epidemie uiterst vatbaar voor besmetting;
• zwangere vrouwen.

Vaccinatie tegen pneumokokken
Een aanzienlijk deel van de ziekte en sterfte bij een griepepidemie is het gevolg van bacteriële surinfectie, vaak veroorzaakt door pneumokokken.
Tegen pneumokokken kan men zich laten vaccineren. Dit vaccin moet om de 5 à 7 jaar worden toegediend.

Volgende personen wordt aangeraden om zich te laten vaccineren tegen pneumokokken:
• patiënten met functionele asplenie (slecht werkende milt) of na splenectomie (wegname van de milt).
• alle personen ouder dan 65 jaar
• patiënten ouder dan 50 jaar met:
- chronische hart- en longaandoeningen
- chronische leverziekte met of zonder cirrose
- HIV-geinfecteerde patiënten

• Vaccinatie kan overwogen worden voor alle patiënten met:
- orgaantransplantatie
- lymfoom, chronisch lymfatische leukemie, multipel myeloom
- lek van cerebrospinaal vocht
- andere chronische aandoeningen zoals chronische nierziekten of hart- en vaatziekten.

zie ook artikel : De pneumokok: een gevreesde bacterie

9. Is griep te voorkomen?

9. Is griep te voorkomen?
De enige bewezen efficiënte methode van preventie is vaccinatie. Antivirale medicijnen, zoals Amantadine, Relenza (zanamivir) en Tamiflu (oseltamivir), kunnen griep ook voorkomen, maar worden eerder toegepast bij mensen die al ziek zijn. Ze remmen de besmetting en zwakken de verschijnselen af.

Daarnaast kunt u de volgende maatregelen treffen:
• Houd uw hand of zakdoek voor uw mond als u niest of hoest. Was daarna uw handen met water en zeep (of wrijf ze in met handalcohol).
Was regelmatig uw handen met water en zeep: wrijf goed terwijl je tot 30 telt. Spoel daarna goed af en droog ze af. Reinigende doekjes met alcohol zijn ook doeltreffend;
• Raak zo min mogelijk uw mond, neus of ogen aan;
• Gebruik altijd papieren zakdoeken of tissues bij hoesten, niezen of snuiten en gebruik ze éénmalig. Gooi ze daarna in de vuilnisbak (liefst afgesloten) en was dan de handen;
• Maak regelmatig schoon. Maak harde oppervlakken en voorwerpen (zoals het aanrecht, keukengerei, kranen, deurklinken, trapleuningen en telefoons) regelmatig schoon. Doe dit met een normaal schoonmaakmiddel.
• Vermijd zo veel mogelijk (afgesloten) plaatsen waar veel mensen samenkomen (zoals trein, tram, bioscoop...). Verlucht geregeld de ruimte waar meerdere personen samen zijn.
• Vermijd zo veel mogelijk contact met zieke mensen.
• Zorg voor een goede fysieke conditie en vermijd fysieke stress (door bv. onvoldoende slaap, sterke afkoeling). Rook liever niet.
• Er is nooit afdoende aangetoond dat Echinacea of andere plantaardige supplementen, of hoge dosissen vitamine C griep (of verkoudheden) kunnen voorkomen.

10. Moet ik een neus-mondmasker dragen om me te beschermen tegen het griepvirus ?

mondmaskers-vr-150.jpg
Er is geen enkele aanwijzing om een masker te dragen als u niet ziek bent. Om u te beschermen tegen de griep zijn de beste maatregelen het volgen van de basishygiënevoorschriften.
Enkel de beoefenaars van gezondheidsberoepen en personen die vaak en van dichtbij in contact komen met zieken, dragen maskers van het type FFP2. Het masker FFP2 filtert de deeltjes die van buiten naar binnen komen.
Als u ziek bent, kunt u een masker dragen als er anderen bij u in de buurt zijn om overdracht van de ziekte te vermijden.

11. Kan ik maatregelen nemen om mijn kind te beschermen?

Voor uw kind gelden dezelfde beschermingsmaatregelen als voor uzelf. Zorg voor zo min mogelijk kans op besmetting door bij hoesten en niezen papieren zakdoekjes te gebruiken en goed handen te wassen.
Griep kan erg ernstig zijn bij jonge baby’s. Borstvoeding zorgt ervoor dat baby’s minder (vaak) ziek worden door o.a. griep. Moedermelk bevat immers antilichamen van de moeder die infecties helpen te bestrijden. Moedermelk bevat ook een metaboliet, een actief bestanddeel dat ook in het antiviraal middel Tamiflu zit. Via borstvoeding worden deze antilichamen doorgegeven aan de baby. Geef dus zo regelmatig als mogelijk borstvoeding.

12. Wie moet zich laten vaccineren tegen de seizoensgriep?

In België adviseert de Hoge Gezondheidsraad om volgende personen prioritair te vaccineren tegen de seizoensgriep:
• Groep 1 : personen met risico voor complicaties, d.w.z.:
o alle personen ouder dan 65 jaar
o alle personen die in een instelling opgenomen zijn
o alle patiënten vanaf de leeftijd van 6 maanden die lijden aan een chronische aandoening, ook indien gestabiliseerd, van de longen, het hart, de lever, de nieren, aan metabole aandoeningen (zoals diabetes), of aan immuniteitsstoornissen (natuurlijk of ten gevolge van een medische behandeling)
o kinderen tussen 6 maanden en 18 jaar die een langdurige aspirinetherapie ondergaan.
• Groep 2 : alle personen werkzaam in de gezondheidssector en in rechtstreeks contact met personen van groep 1.
• Groep 3 : Zwangere vrouwen die in het tweede of derde trimester van hun zwangerschap zijn op het ogenblik van de vaccinatie
Groep 4 : alle personen tussen 50 en 64 jaar, zelfs indien ze niet aan een risicoaandoening lijden, want er is één kans op drie dat ze ten minste één complicatierisico vertonen, vooral personen die roken, excessief drinken en zwaarlijvig zijn
Voor al deze risicogroepen wordt het griepvaccin gedeeltelijk terugbetaald door de ziekteverzekering.

OPGELET: Voor het vaccin tegen de Mexicaanse griep gelden andere aanbevelingen!

Griepvaccin koel bewaren

Indien u zich wil laten inenten tegen de griep, moet u aan uw huisarts een voorschrift vragen waarmee u het vaccin bij de apotheek kan afhalen.

Het vaccin moet koel bewaard worden. Dat betekent in een goed functionerende koelkast tussen 2°C en 8°C. Het is aangewezen de vaccins te bewaren in het centrale gedeelte van de koelkast, voldoende verwijderd van het koelelement achteraan. In de deur treden teveel en te grote temperatuursschommelingen op.

Om de vermijden dat de koudeketen verbroken wordt, is het aan te raden om het vaccin onmiddellijk na aankoop in de koelkast te leggen (en het bijvoorbeeld niet een paar uren te laten liggen terwijl u bijvoorbeeld nog boodschappen doet). Nog beter is om het vaccin pas af te halen bij de apotheker net voor u naar de huisarts gaat om het te laten inspuiten. U kan het vaccin trouwens reserveren bij uw apotheker die het dan op de juiste temperatuur zal bewaren tot u het nodig hebt. 
 

13. Wat zijn de voordelen van griepvaccinatie?

De griepprik beschermt u tegen ernstige gevolgen van de meest voorkomende griepvirussen. Als u de jaarlijkse griepprik heeft gehad, is de kans dat u griep krijgt veel kleiner. Als u toch griep krijgt, dan verloopt de ziekte meestal minder ernstig. Bovendien verkleint de griepprik de kans op complicaties zoals longontsteking en verergering van bestaande ziekten, bijvoorbeeld ontregeling van diabetes.

14. Ik ben nooit ziek, moet ik dan toch gevaccineerd worden?

Ja, als u tot een van de risicogroepen behoort omdat de gevolgen van griep zeer ernstig zijn. Daarom is het raadzaam om ieder jaar de griepprik te halen, ook als u nooit ziek bent. Iedere winter krijgt gemiddeld één op de tien mensen griep. Dus negen van de tien mensen krijgen in een winter geen griep. Het kan zijn dat u tot nu toe steeds geluk heeft gehad, maar mogelijk komt u dit jaar wél met het griepvirus in aanraking.

15. Ik behoor niet tot een van de doelgroepen, kan ik mij toch laten vaccineren?

vaccinatie-in-arm-bl-150.jpg
Ja dat kan voor het vaccin tegen de seizoensgriep. U loopt dan veel minder kans om ziek te worden en bijvoorbeeld werkverlet te moeten nemen, en u maakt ook minder kans op complicaties.
U moet wel zelf de kosten betalen, tenzij uw werkgever het vaccin betaalt.
Het kan niet voor vaccinatie tegen de Mexicaanse griep. Dat vaccin is voorbehouden voor risicogroepen.

16. Mogen zwangere vrouwen gevaccineerd worden?

Zwangere vrouwen in het tweede of derde trimester zijn een risicogroep en komen in aanmerking voor vaccinatie.
Het wordt zwangere vrouwen wel afgeraden zich te laten vaccineren in het eerste trimester van hun zwangerschap. Dit geldt zowel voor de vaccinatie tegen de A/H1N1-griep als tegen de seizoensgriep.

zie ook artikel : Vaccinatie bij zwangere vrouwen

17. Waarom moet u zich elk jaar opnieuw laten vaccineren?

Het griepvirus ondergaat regelmatig mutaties, veranderingen. De antistoffen die het ene jaar worden aangemaakt tegen het griepvirus, herkennen niet systematisch het virus van het jaar daarop. We zijn dus eigenlijk slecht gewapend tegen griep, en kunnen meerdere malen besmet geraken, telkens met het lichtjes gewijzigd virus.
Om beschermd te zijn tegen mogelijke complicaties, moeten risicopersonen zich dus jaarlijks laten inenten met het nieuwe vaccin dat gebaseerd is op de kenmerken van het virus van het jaar voordien.
Dit kan ook verklaren waarom mensen die zich hebben laten inenten, toch nog de griep kunnen krijgen. Ze kunnen namelijk besmet worden door een nieuw griepvirus waartegen het vaccin nog geen bescherming biedt, of tegen een relatief zeldzaam virus dat niet (meer) in het vaccin is opgenomen. Maar meestal biedt het vaccin dan toch nog een zekere bescherming en is de ziekte minder ernstig en treden er ook veel minder complicaties op in vergelijking met mensen die niet zijn ingeënt.

18. Wanneer laat u zich het best vaccineren?

De vaccinatie gebeurt voor de risicoperiode, dus best tussen begin oktober en midden november. Het duurt ongeveer veertien dagen voor u voldoende afweerstoffen hebt opgebouwd om beschermd te zijn tegen het griepvirus. In volle epidemie komt een vaccinatie dus te laat.

19. Kan u toch griep krijgen als u gevaccineerd bent?

Het griepvaccin heeft een algemene efficiëntie van 70%; de doeltreffendheid varieert volgens de leeftijd: bij oudere mensen neemt de werking af.
Gevaccineerde personen kunnen dus toch nog de griep krijgen, maar meestal gaat het dan om een minder zware vorm. De doeltreffendheid uit zich voornamelijk in een vermindering van de complicaties: dankzij het vaccin vermindert het aantal hospitalisaties met 70% en het sterftecijfer met 80%.
Het gewone griepvaccin beschermt NIET tegen de Mexicaanse griep. Daarvoor bestaat een apart vaccin.
Uiteraard biedt het griepvaccin alleen maar bescherming tegen de griepvirussen en niet tegen andere winterkwaaltjes die door totaal andere virussen worden veroorzaakt. Zo kan u ondanks de griepprik bijvoorbeeld toch nog een verkoudheid, een keelontsteking of een ‘buikgriep’ krijgen. Dit betekent niet dat het griepvaccin heeft gefaald, maar gewoon dat u pech hebt en het slachtoffer bent geworden van een ander virus.

20. Beschermt het vaccin tegen de seizoensgriep tegen de Mexicaanse griep A/H1N1 ?

Het gewone griepvaccin beschermt NIET tegen de Mexicaanse griep. Daarvoor bestaat een apart vaccin.

21. Mag het vaccin tegen de Mexicaanse griep samen met het vaccin tegen de gewone seizoensgriep toegediend worden?

De jaarlijkse griepprik wordt het best niet tegelijkertijd met de vaccinatie tegen Mexicaanse griep gegeven worden. Tussen de jaarlijkse griepprik en vaccinatie tegen Nieuwe Influenza A(H1N1) zitten liefst twee weken.
Indien de vaccins toch gelijktijdig worden toegediend, dan moet dat in een andere arm gebeuren. Bijvoorbeeld het vaccin tegen gewone griep in de linkerarm en het vaccin tegen de Mexicaanse griep in de rechterarm. De kans bestaat dat er iets meer bijwerkingen optreden.

22. Wat zijn de bijwerkingen van het griepvaccin?

Bijwerkingen komen zelden voor, en zijn meestal niet ernstig. Het is mogelijk dat de plaats waar de prik gegeven werd (de bovenarm) een aantal dagen wat gezwollen en roder is. Het kan jeuken of wat pijnlijk zijn. U hoeft zich hier geen zorgen over te maken, dit verdwijnt spontaan na een aantal dagen.
Soms kunnen wat moeheid, lichte temperatuursverhoging, hoofdpijn, gewrichtspijn of spierpijn optreden. U kan wat zweten of rillerig zijn, zoals bij een beginnende griep. Ook dit verdwijnt meestal vanzelf.
Indien in de dagen na de vaccinatie andere klachten optreden (zoals huiduitslag, pijn, misselijkheid…) dan moet u uw huisarts raadplegen.
Personen die allergisch zijn voor eieren (anafylactische shock, ademhalingsmoeilijkheden...) of die eerder al slecht reageerden op bepaalde vaccins, moeten hun geneesheer hiervan op de hoogte stellen. Mogelijk mag u dan geen vaccin krijgen.
De vrees dat men van het griepvaccin de griep zou kunnen krijgen, is totaal ongegrond. Het vaccin bevat alleen gedode virusdeeltjes en kan dus geen griep veroorzaken.

23. Wat kan u doen als u de griep hebt?

thee-citroen.jpg
Griep geneest in de meeste gevallen vanzelf. U kan alleen proberen om de klachten zoveel mogelijk te verminderen.
• Rusten: Blijf thuis en rust, zeker als u koorts hebt. Ga zeker niet sporten met koorts.
• Bij koorts moet u veel drinken omdat men door de koorts en het zweten dat daarmee gepaard gaat, veel vocht verliest.
• U kan eventueel een pijnstiller of een koortswerend middel nemen, zoals Paracetamol of aspirine. Geef liever geen aspirine aan kinderen, wel paracetamol.
• Een verstopte neus kan behandeld worden met een fysiologische zoutoplossing of met neussprays- en druppels die de neusslijmvliezen ontzwellen. Neem ze niet langer dan enkele dagen om gewenning te voorkomen en gebruik ze niet bij kleine kinderen.
• Rook niet en vermijd passief roken.

Omdat griep veroorzaakt wordt door een virus, zijn antibiotica zinloos. Tenzij er een bijkomende infectie op de luchtwegen of de longen optreedt die veroorzaakt wordt door bacteriën. In dat geval zal uw arts waarschijnlijk wél antibiotica voorschrijven.

zie ook artikel : Koorts

24. Bestaan er geneesmiddelen tegen de griep?

Er bestaan geen geneesmiddelen tegen griep. Alleen de verschijnselen kunnen bestreden worden.
Antivirale middelen zorgen ervoor dat de patiënt minder virus uithoest dat weer andere mensen zou kunnen besmetten. Daarnaast verkort het middel de ziekteduur van griep en vermindert het de kans op complicaties.
Er bestaan twee producten: oseltamivir (productnaam:Tamiflu®) en zanamivir (productnaam: Relenza®).
Deze geneesmiddelen moeten zo snel mogelijk worden ingenomen en zeker binnen 48 uur na de eerste ziekteverschijnselen.
Deze middelen worden alleen aangeraden voor risicopersonen.

25. Voor welke personen worden virusremmers aangeraden?

Bij risicopersonen (dit zijn personen bij wie een griep ernstige verwikkelingen kan veroorzaken) kan de arts virusremmers voorschrijven. Zij krijgen de antivirale middelen gratis.

Het betreft o.m. volgende groepen:
• patiënten met een chronische ademhalingsziekte;
• patiënten met een chronische hartaandoening
• patiënten met matige tot ernstige nier- of leverinsufficiëntie
• Patiënten met chronische neuromusculaire aandoeningen;
• Patiënten met een ernstige neurologische aandoening (bv: hersenverlamming)
• patiënten met immunodepressie wegens ziekte of een behandeling
• diabetespatiënten
• Patiënten die drager zijn van een erfelijke metabolische aandoening;
• Zwangere vrouwen in het tweede en derde trimester;
• personen die ouder zijn dan 65 jaar
• patiënten die gehospitaliseerd zijn met een ernstig klinisch beeld, onder voorbehoud van de termijn van 48 uur

26. Zijn virusremmers vrij verkrijgbaar?

Nee, virusremmers zijn uitsluitend verkrijgbaar op doktersrecept. Het blijkt dat via internet mogelijkheden worden geboden virusremmers te bestellen. Dit wordt afgeraden. De samenstelling van het internetproduct is onbekend en waarschijnlijk niet getest. Daarnaast is het voor de behandeling belangrijk dat de voorschrijvende arts de patiënt en zijn medische geschiedenis kent.
Virusremmers worden niet terugbetaald door het ziekenfonds.

27. Mag ik virusremmers of koortswerende middelen slikken als ik zwanger ben?

tamilflu-3-150.jpg
Wat is het effect ervan op mijn ongeboren kind?
Raadpleeg altijd eerst uw arts alvorens medicatie te beginnen nemen. Hij zal de voor- en nadelen van medicatie zorgvuldig afwegen.
Enkel medicatie op basis van Paracetamol is geschikt tegen koorts als u zwanger bent.
De antivirale middelen Tamiflu en Relenza mogen voorgeschreven worden aan risicogroepen zoals zwangere vrouwen, zelfs na 48 uur. Relenza werd het meest geschikte antivirale middel bevonden voor zwangere vrouwen omdat het geïnhaleerd wordt. Op die manier komt het niet in het bloed terecht, en bereikt het de foetus niet. Er bestaat weinig informatie over het effect van deze antivirale middelen op zwangere vrouwen en baby’s (of ongeboren kinderen), maar er zijn geen ernstige bijwerkingen vastgesteld.

28. Mag ik mijn baby borstvoeding geven als ik besmet ben met de A/H1N1-griep en/of als ik antivirale middelen neem?

Absoluut! Moedermelk helpt de baby ziekte te bestrijden, en dat is erg belangrijk voor jonge baby’s wiens immuunsysteem nog in ontwikkeling is. Geef zo regelmatig mogelijk borstvoeding. Als u te ziek bent om borstvoeding te geven, gebruik dan een pompje en geef de afgekolfde melk aan uw baby. Ook als u met virusremmers behandeld wordt, mag u borstvoeding geven.

29. Kan een virusremmer gebruikt worden bij kinderen jonger dan 1 jaar?

Oseltamivir (productnaam:Tamiflu) is niet geregistreerd voor de behandeling en preventie van gewone griep bij kinderen jonger dan één jaar. In geval van een pandemie kan Tamiflu gebruikt worden bij kinderen onder de één jaar als de arts dit nodig acht.
Relenza mag alleen gebruikt worden vanaf de leeftijd van 5 jaar.

30. Waarom helpen antibiotica niet tegen de griep?

Griep (en de meeste andere infecties van de bovenste luchtwegen, zoals een verkoudheid) wordt veroorzaakt door virussen. Antibiotica werken alleen tegen bacteriën en hebben geen enkele zin tegen een ziekte die door een virus wordt veroorzaakt. Deze genezen normaal na enkele dagen vanzelf. Vele mensen schrijven hun genezing ten onrechte toe aan het gebruik van antibiotica, terwijl het om een natuurlijk genezingsproces gaat. Antibiotica verminderen de klachten (koorts, pijn...) niet en versnellen het genezingsproces niet.
In sommige gevallen zal uw arts toch antibiotica voorschrijven, wanneer hij vermoedt dat er misschien sprake is van een bacteriële infectie (bv. een longontsteking) of van een bijbesmetting door bacteriën. U moet dan de voorgeschreven dosis helemaal nemen, zonder de behandeling te onderbreken, ook als u intussen genezen bent.

zie ook artikel : Antibiotica - beter en minder vaak gebruiken

31. Wanneer moet ik mijn huisarts raadplegen?

Soms gaat griep niet vanzelf over. Er kunnen andere ziektes bijkomen die wèl behandeld moeten worden, zoals een longontsteking. In de volgende gevallen is het goed om contact met de huisarts op te nemen:
• wanneer de klachten langer dan een vijf dagen duren of erger worden;
• bij veelvuldig hoesten;
• wanneer u naast koorts en spierpijn ook andere klachten krijgt (bv. kortademigheid).

Bij een kind verdient het aanbeveling om contact op te nemen met de huisarts wanneer het hoge koorts (+ 39°) heeft die na een dag of drie-vier niet zakt, als het kind weigert te drinken of begint te braken. Ook wanneer het kind klaagt over oorpijn, raadpleegt u het best de huisarts omdat dit erop wijst dat er misschien iets ernstiger aan de hand is.
Mensen uit een risicogroep kunnen altijd contact met hun huisarts opnemen als ze denken griep te hebben.

32. Wanneer bent u besmettelijk voor anderen?

Na het binnenkrijgen van het griepvirus kan het één tot zeven dagen duren voor u ziek wordt, maar gewoonlijk krijgt u de eerste symptomen na twee tot drie dagen. Dit wordt de incubatietijd genoemd. Tijdens de incubatietijd kunt u, zonder dat u het weet, andere mensen besmetten.
Volwassenen zijn besmettelijk – en kunnen het virus dus verspreiden - een dag voordat de symptomen zich openbaren. Jonge kinderen kunnen het virus al bij zich dragen tot zes dagen voordat de symptomen zich openbaren. Al die tijd kunnen ze andere mensen aansteken. Volwassenen zijn tot vijf dagen na de eerste symptomen besmettelijk en kinderen kunnen nog eens vijf dagen langer besmettelijk zijn.
Niet iedereen wordt ziek na een besmetting, sommige mensen zijn wel met het virus geïnfecteerd en zijn besmettelijk, zonder ooit ziek te zijn geweest.

33. Wat kan u doen om te vermijden dat u andere personen besmet?

Indien u de griep hebt, vermijd dan om anderen te besmetten.
• Blijf zoveel mogelijk binnen en vermijd zoveel mogelijk contact met andere mensen. Ga zeker niet op bezoek bij kwetsbare bejaarden of jonge kinderen.
• Bedek mond en neus als u niest of hoest.
• Gebruik bij voorkeur papieren zakdoeken en gooi ze na gebruik in de vuilnisbak.
• Was regelmatig de handen.
• Ook wordt aangeraden om een chirurgisch masker te dragen. Dat masker zal de verspreiding van speekseldruppeltjes door te hoesten of te praten verminderen. Die druppeltjes zijn immers de dragers van het virus.
- Bedek uw neus en mond zo zorgvuldig mogelijk met het masker.
- Zodra u een masker draagt, raakt u het zo weinig mogelijk aan met uw handen. Raakt u het toch aan? Was dan uw handen.
- Na lang gebruik kan een masker vochtig worden. Vervang het dan.

Vooral kinderen zijn overbrengers van griep. Daarom is het beter om met koortsige, hoestende en niezende kinderen niet op bezoek gaan bij de grootouders of overgrootouders thuis of in het rusthuis. Evenmin is het aan te raden om zieke kinderen, die niet naar de opvang mogen, af te zetten bij de grootouders als deze zelf al een hoger risico hebben.


verschenen op : 23/10/2015 , bijgewerkt op 28/10/2015

6 reacties

griep

door anoniem, 2 March 2014 om 09:14

kan ik nog griep krijgen .ik ben in oktober om een griepspuit geweest .heb spierpijn hoeste en piepen de adem ook wa geruis .gr bedankt

33 vragen over de winter- of seizoensgriep (Influenza - griep)

door Lies, 4 November 2013 om 18:55

Hallo, ik ben net 20 weken zwanger en kreeg vorige week mijn griepvaccin. Ik geef les in de lagere school en vandaag werd een leerling heel erg ziek en braakte op mij. Hierbij had ik graag geweten of ik nu al beschermd ben hiertegen of niet? Groetjes

bekijk alle 6 reacties

Reageer zelf

verberg bovenstaande gegevens :
je naam en emailadres verschijnen dan niet bij je reactie.
hou me op de hoogte van reacties :
telkens iemand een reactie plaatst bij dit bericht ontvang je een e-mail.
tekens over.
pub