print |12.502x gelezen

Functionele eigenschappen van sportschoeisel

Functionele eigenschappen zijn die eigenschappen van de schoen, die de functie van het houding- en bewegingsapparaat beïnvloeden. Tegenwoordig bestaat er voor elke sport een specifieke schoen, zelfs voor darten en wildwaterkanoën!
Er bestaat dus behoefte aan veel verschillende soorten sportschoenen. Het gaat te ver om elk type sportschoen apart te behandelen, daarom zal in dit artikel de aandacht beperkt blijven tot schoeisel voor veld, zaal en hardlopen. De diversiteit aan modellen is zeer groot.

Het is voor iemand, die zich er niet regelmatig mee bezighoudt, zeer moeilijk een juiste schoen keuze te maken. Om een verantwoorde keuze te maken, kan men zich laten adviseren door een specialist met verstand van blessures, biomechanica en schoeisel. Wanneer de specialist uitleg kan geven over het advies en de betrokkene zijn of haar mening geeft, komt men tot een schoen keuze. Altijd zal pas bij het sporten blijken of de keuze een juiste is geweest. Als dit niet het geval is dan kan in veel gevallen met een eenvoudige aanpassing, bijvoorbeeld in de vorm van een wig of hakstukje, de schoen verder geoptimaliseerd worden. Wees bewust van het feit dat verandering van schoen, ook al blijft men bij hetzelfde model, klachten kan provoceren doordat het belastingpatroon altijd iets verandert.

Een aantal basiseigenschappen waaraan een sportschoen zou moeten voldoen vanuit het oogpunt van dit hoofdstuk is:
• Een stevige hielkap, die het hielbeen goed omsluit om te veel kantelingen van de achtervoet in de schoen te stabiliseren.
• De achtervoet moet torsiestijf zijn ten opzichte van de voorvoet.
• Het buigpunt van de schoen moet overeenkomen met het buigpunt van de voet.
• Het liefst tussen de 1,2 en 1,5 cm hogere hak dan voorvoet.
• Een doorlopende zool. Dit geeft de schoen meer stevigheid. Een onderbroken of geknepen, smalle midzool betekent stabiliteitverlies ter hoogte van de middenvoet, tenzij dit wordt gecompenseerd door een sterke verbinding tussen voorvoetzool en achtervoetzool.
• Goede ventilatie. Overmatige zweetproductie geeft meer kans op ontstaan van schimmelinfecties of blaarvorming. Een goed ventilerende schoen geeft minder neiging tot transpiratie.

Het standaard binnenzooltje van de huidige sportschoen biedt in de meeste gevallen geen extra steun en heeft slechts een polsterende functie. De bodem van de schoen is verder vlak. De welvingen van de voet kunnen eenvoudig wegzakken. Wanneer dit overmatig gebeurt, kunnen er blessures ontstaan. In dat geval kan men de standaard binnenzool vervangen door een standaard of individueel aangemeten sportsupplement.

Veldschoeisel

De belangrijkste voorwaarde van veldschoeisel is de optimale grip op het veld gecombineerd met minimale draaiweerstand. Dit wordt verzorgd door het gebruik van een noppenprofiel. De condities van het sportveld kunnen sterk variëren; de veldschoenproducent heeft hier naar behoefte op ingespeeld. Er bestaan vele soorten noppen; vele kleine of weinig grote noppen, lange of korte noppen, studs, randen, spikes enzovoorts.

1. De multi-noppenschoen

Dit type schoen wordt ook wel turf-, gravel- en kunstgrasschoen genoemd. Deze schoen kenmerkt zich door de vele kleine noppen voor maximale houvast op het kunstgrasveld in combinatie met de mogelijkheid de schoen te kunnen roteren bij explosieve wend- en keerbewegingen. Bij te veel grip wordt het risico een gewricht te verdraaien groter. Dankzij de tussenzool wordt schokbelasting gedempt en staat de hak ongeveer 1,2 cm hoger dan de voorvoet. Dat zijn twee eigenschappen die het blessurerisico verkleinen. Vele kunstgrasschoenen hebben echter een brede hiel kap, hierdoor heeft het hielbeen veel ruimte om te kantelen. Aangezien het overgrote deel van de kunstgrasschoenen gemaakt zijn voor een mannelijke voet kan dit voor dames een groot nadeel zijn. Het is raadzaam daarop te letten bij de aanschaf van een paar kunstgrasschoenen. Een 'ondiepe' schoen heeft hetzelfde nadeel: het hielbeen wordt niet goed omvat. Voor een voetballer is dit echter een voordeel omdat het de enkel maximale bewegingsvrijheid geeft waardoor de bal beter gecontroleerd kan worden. Een breed zooloppervlak geeft stabiliteit, een nadeel hiervan is dat de schoen zwaarder roteert en rechtop blijft staan wanneer men bijvoorbeeld een sidestep maakt. Een smallere schoen beweegt makkelijker mee, maar staat minder stabiel. De optimale breedte zit ertussenin en is zeer persoonlijk. De sport die beoefend wordt en de aanwezigheid van blessures zijn voor de optimale breedte van groot belang.

De multi-noppenschoen wordt op een normaal grasveld gebruikt wanneer comfort meer van belang is dan grip, zoals dat kan gelden voor een scheidsrechter of een trainer. Op bevroren velden of gravelvelden kiezen veel sporters voor de multi-noppenschoen. Verder zoals bekend uiteraard voor het sporten op kunstgras. Bij het golfen wint de multinoppenschoen terrein op de spikeschoen vanwege het draagcomfort en het behoud van de greens.

2. De klassieke voetbalschoen

De overbekende noppenschoen is, wat ontwikkeling betreft, achtergebleven in vergelijking met de andere sportschoenen. De laatste ontwikkelingen betreffen met name de zool en de noppenvorm. Wellicht heeft het te maken met de mentaliteit van de voetballer, die het gevoel met de bal zo optimaal mogelijk wil houden en weinig veranderingen wenst. Een soepele schoen met een flexibele zool voldoet aan deze eisen. Dit type schoen biedt echter weinig steun en de kantelingen van de voet worden gemakkelijk toegelaten. Hieraan gerelateerde klachten zullen eerder worden geprovoceerd en eventueel benodigde mediale steun zal gedeeltelijk met de zool doorbuigen.

Zaalschoeisel

De zaalschoen, ook wel de indoorschoen genoemd, kent vele variaties. Dit is een logisch gevolg van het grote aantal verschillende sporten, die in de zaal uitgeoefend worden in combinatie met allerlei verschillende vloersoorten. Toch liggen de verschillen van alle typen indoorschoenen niet ver uit elkaar. De voornaamste verschillen betreffen de demping, stijfheid, zooldikte, materiaal van de slijtzool en wel of geen enkelomvattende schoen.
Het gaat te ver om hier elke indoorsport nader te beschouwen. Dit onderdeel beperkt zich dan ook tot een aantal basisprincipes die naar diverse sporten te vertalen zijn.
Het voordeel van een dunne zool is de stabiliteit en het goede bodemcontact. Dit is van groot belang bij explosieve wend- en keerbewegingen zoals deze voorkomen bij korfbal, handbal en zaalvoetbal. De voetballer kan met dit type zool tevens beter met zijn voet 'onder' de bal komen. De voordelen van een dunne zool gelden met name voor de voorvoet, een hoogteverschil met de hak is te prefereren. Lager bij de vloer staan, gaat al snel ten koste van de demping. Basketballers ervaren dit als een nadeel en hebben behoefte aan meer demping; een dikkere zool eventueel aangevuld met een dempingmechanisme kan hierin voorzien. Een grotere bodem-voetafstand vermindert de stabiliteit. Dit effect kan versterkt worden wanneer gebruik wordt gemaakt van een groot luchtkussen, als dempingmechanisme, dat naar alle kanten makkelijk inveert.
De demping mag niet ten koste gaan van de stabiliteit. Stabiliteit kan worden verzorgd door een breder zooloppervlak, een kuipvormige bodem en een verstevigd bovenwerk. Een enkelomvattende schoen, zoals de hoge basketbalschoen, kan de enkel direct en indirect stabiliteit geven. Een lage schoen met een comfortabele tussenzool, zoals gebruikt bij volleybal, is zeer geschikt bij harde indoorvloeren.

Hardloopschoeisel

Dit type schoen heeft veruit het grootste aandeel op de sportschoenenmarkt vanwege de populariteit van de schoen voor algemeen dagelijks gebruik. Ook al is het moeilijk, het blijft mogelijk de juiste schoen te bepalen, vooral wanneer men de nieuwe schoenen vergelijkt met de gebruikte schoenen. Tijdens hardlopen worden vrijwel bij elke pas dezelfde structuren op dezelfde wijze belast. Men zet 300 tot 500 passen per kilometer. Wanneer voor een bepaalde structuur elke pas een kleine overbelasting betekent, kan dat op den duur vervelende blessures veroorzaken. Dit zou door een geschikte schoen, zo nodig met een sportsteunzool of sportschoenaanpassing, verholpen of zelfs voorkomen kunnen worden.
Eigenschappen die kenmerkend zijn voor een hardloopschoen zijn onder andere:
licht van gewicht, dempende tussenzool, stabiliteitbevorderende factoren en snelle afwikkeling. De gevestigde merken hebben tegenwoordig in de hardloopschoenen, die bestemd zijn voor de functionele markt, voldoende demping verwerkt. De stabiliteit van de schoen is belangrijker en verschilt sterk per schoen. De stabiliteit van de schoen kan door de volgende onderdelen worden verzorgd:
• De hielkap. Deze dient stevig te zijn om het hielbeen in de schoen te stabiliseren. Botvorming achter op het hielbeen kan in de verdrukking komen bij een harde hielkap. Deze kan ter hoogte van de betreffende plek na verwarming 'uitgeknobbeld' worden om ruimte te creëren. De hielkap kan verstevigd worden door middel van een hielstabilisator.
• Een antipronatieblok. Dit bestaat uit een tussenzoolgedeelte met een hogere shorewaarde (dit is de waarde waarmee de hardheid van de tussenzool wordt aangegeven) dan de rest van de tussenzool. Het voorkomt het inzakken van het mediale zoolgedeelte. Zo wordt overpronatie gestabiliseerd en overbelasting van lichaamstructuren gereduceerd. Een schoen met deze eigenschap heet logischerwijs een antipronatieschoen.
• Bovenwerk. Het bovenwerk van de schoen kan stabiliteit bieden wanneer het verstevigd is. Dit wordt veel gedaan door het merkteken te fabriceren van stevig materiaal.
• Wig. Met het aanbrengen van een wig aan de mediale of laterale zijde van de schoen kan men de kantelingen van de voet extra opvangen of sturen.
• Breed zool oppervlak. Met een breder zooloppervlak creëert men een breder steunvlak.
• Hakverhoging. Wanneer de voet sterk in supinatiestand landt, zal dit een felle, snelle pronatiebeweging tot gevolg hebben. Door middel van een hakverhoging kan een laterale landing worden veranderd in een meer optimale dorsolaterale haklanding.
Hierdoor zal de pronatiebeweging subtieler verlopen. Een ander voordeel is dat de tijd, die het lichaam heeft om de pronatie te verwerken, wordt verlengd. Hierdoor zal de belasting per tijdseenheid op bepaalde lichaamsstructuren worden gereduceerd.
De afwikkeling van de hardloopschoen zorgt ervoor dat de schoen makkelijk doorrolt naar het moment van afzet.
Een vlakke schoen vormt een drempel en remt daarmee het afrollen van de voet. Dit vergt extramusculaire arbeid en geeft meer druk op de voorvoet. Het gewicht van de hardloopschoen is licht vergeleken bij andere typen sportschoenen. Wedstrijdlopers gebruiken graag een lichte schoen wanneer gepresteerd moet worden. Het nadeel van een lichte wedstrijdschoen is dat deze makkelijk vervormbaar is en daarmee als instabiele schoen aangeduid kan worden.
De hoeveelheid energie die nodig is om de mindere stabiliteit te compenseren, overschrijdt de hoeveelheid energie die door het geringere gewicht wordt gewonnen. Hieruit kan geconcludeerd worden, dat men beter zoveel mogelijk een trainingsschoen kan gebruiken. Bij de keuze van een hardloopschoen wordt vaak gelet op het gewicht van de sporter. Het gewicht van de sporter is echter een overschat gegeven. Er zijn hardlopers van meer dan negentig kilogram die licht en economisch lopen, terwijl er lopers zijn van zeventig kilo die zwaar landen door een slechte loopstijl.
De loopstijl is in dezen dus van groter belang. Maar als een hardloper met een zware loopstijl op een lichte schoen verantwoord afwikkelt, dan is die schoen geschikt voor deze hardloper. De zware loper moet er zich echter van bewust zijn dat de betreffende schoen eerder aan vervanging toe zal zijn dan een schoen voor zwaardere lopers. Het advies is voor heren om na 1500 tot 2000 km en voor dames na 2000 tot 2500 km een nieuwe schoen aan te schaffen. Men kan de nieuwe schoenen dan afwisselen met de 'oude' schoenen en na verloop van tijd volledig overstappen op het nieuwe paar. Hierdoor vindt de verandering van schoen geleidelijk plaats en gunt men het lichaam een langere tijd om aan een paar nieuwe schoenen te wennen. Voor mensen die veel lopen is het raadzaam om minimaal twee paar schoenen af te wisselen. Wanneer meerdere paren iets van elkaar verschillen, zal de belasting op het lichaam eveneens iets variëren. Hierdoor kan overbelasting van een bepaalde lichaamsstructuur worden voorkomen.

Demping en stabiliteit

Demping heeft als doel kinetische energie te reduceren, demping kan de piekbelasting bij een landing verminderen. Het nadeel is echter dat de demping eveneens de stabiliteit kan verminderen. Als dempende tussenzool wordt voornamelijk EVA (Ethyleen Vinyl Acetaat) gebruikt. Dit materiaal is duurzaam, vormvast en mag door elke fabrikant worden gebruikt. In veel gevallen zijn de dempingmechanismen zichtbaar en daardoor kwetsbaar. Men kan ervan uitgaan dat de betere modellen voldoende demping bieden. De sporter moet ernaar streven om het paar met de gunstigste stabiliteit aan de voeten te krijgen. Het is verkeerd om de meest dempende schoen aan te schaffen. De schoen moet ook zorgen voor stabiliteit. Geen stabiliteit in de zin van fixatie of correctie, maar een dynamische stabiliteit. De voet mag ondersteund en gestabiliseerd worden zonder onfysiologische bewegingen te moeten maken. Per individu, sport en ondergrond moet bekeken worden welke mate van demping en met name welke stabiliteit er nodig is.

zie ook artikel : Sportschoeisel en blessures

verschenen op : 01-03-2008   |  bijgewerkt op : 23-03-2011

bron: J.S. van de Veen, Sportfysiotherapeut, VSO-Papendal

Meer over:   fitness     sport     lopen en jogging     wandelen    

Vind je deze informatie nuttig? Deel deze dan nu:
print |12.502x gelezen

Reageer op dit artikel

email:
naam:
verberg bovenstaande gegevens :
je naam en emailadres verschijnen dan niet bij je reactie.
onderwerp:
bericht: tekens over.
terug naar begin artikel »
pub
pub
pub