Waarom is cytomegalovirus (CMV) gevaarlijk tijdens zwangerschap?

Laatst bijgewerkt: November 2014
123-labo-tube-virologie-170-11.jpg

tips Cytomegalovirus (of CMV) is een veel voorkomend virus dat mensen van alle leeftijden kan besmetten. Zowat iedereen zal dan ook vroeg of laat in zijn of haar leven besmet worden.

Wat is CMV?
Het cytomegalovirus behoort tot de herpesvirussen zoals herpes labialis (koortsblaasjes), herpes zoster (zona), herpes simplex, herpes genitalis (SOA), varicella (windpokken) en Epstein-Barr virus (klierkoorts). Het CMV virus komt voor in onze lichaamsvochten, zoals urine, speeksel, stoelgang, moedermelk, bloed, tranen, sperma en vaginaal vocht. Men kan besmet geraken met CMV wanneer men in contact komt met deze lichaamsvochten, bijvoorbeeld door kussen, seksueel contact, of door het overbrengen van speeksel of urine van een besmet persoon via handen naar de eigen neus of mond.
CMV wordt niet overgedragen via de lucht. U kunt dus geen CMV opdoen door in dezelfde kamer te vertoeven als een besmet persoon, tenzij u in contact komt met de lichaamsvochten van deze persoon.

Eens CMV in uw lichaam zit, draagt u het mee voor de rest van uw leven.
Een besmetting met CMV is meestal vrij onschuldig. De meeste kinderen en volwassenen die besmet zijn met CMV hebben zelfs geen symptomen en weten meestal zelfs niet dat ze besmet zijn. Anderen kunnen een beetje ziek worden. Maar ongeboren baby’s en mensen met verzwakte afweer kunnen wel erg ziek worden en/of ernstige gevolgen ondervinden op lange termijn. Omdat zwangere vrouwen het virus kunnen doorgeven aan hun (ongeboren) kind, is het belangrijk om een besmetting tijdens de zwangerschap te vermijden.

Hoe kan een zwangere CMV doorgeven aan haar baby?
• CMV kan doorgegeven worden aan de baby op het moment van de geboorte door contact met vaginaal vocht of later via borstvoeding. Een infectie opgelopen bij de geboorte of om het even wanneer na de geboorte noemen we een verworven CMV-infectie. Bij gezonde voldragen baby’s veroorzaakt het oplopen van een CMV infectie op deze manier meestal geen problemen.

• Ongeveer 1/3 van de vrouwen die tijdens hun zwangerschap voor de eerste maal geïnfecteerd worden door CMV, geven het virus door aan hun ongeboren kind. Dit noemen we een aangeboren of congenitale CMV-infectie.
Vrouwen die reeds geïnfecteerd waren voor hun zwangerschap, kunnen het virus (door reactivatie van het 'slapende' virus) ook doorgeven aan hun ongeboren kind, maar dit is zeldzaam.
Het is de meest frequent voorkomende oorzaak van congenitale infecties bij 0,5 -2% van de levend geborenen. Het is de belangrijkste oorzaak van niet-erfelijk aangeboren slechthorendheid en doofheid.

Welke problemen veroorzaakt een congenitale CMV-infectie?
De meeste kinderen vertonen bij geboorte geen tekenen van hun CMV-infectie. Bij 10-15 % zijn echter soms ernstige problemen aanwezig zijn.

Veel voorkomende problemen zijn:
• een groeiachterstand,
• bloedstollingsafwijkingen, wat zich uit in kleine rode vlekjes onder de huid (petechiën) en long-, lever- of miltproblemen (vergrote lever of milt, geelzucht).
Deze symptomen kunnen vanzelf verdwijnen.

Er kunnen ook ernstiger en blijvende problemen optreden:
• een klein hoofdje,
• verkalkingen in de hersenen,
• stuipen
• abnormale spierspanning
• gehoorproblemen
• problemen met het zicht.
Deze kinderen kunnen later een algemene ontwikkelingsachterstand vertonen, zowel geestelijk als lichamelijk.

Van de kinderen die al van bij de geboorte duidelijke neurologische problemen hebben overlijdt ongeveer 20% binnen het eerste levensjaar.
Ongeveer één op tien van de kinderen die bij geboorte normaal zijn, zullen in de eerste levensmaanden tot –jaren toch nog gehoorproblemen (mild of ernstig) of oogafwijkingen (zeldzaam) ontwikkelen. Ook leerstoornissen en ontwikkelingsachterstand kunnen later nog optreden.

Is er een behandeling voor CMV?
• Voor pasgeboren baby’s (jonger dan 1 maand) met hoog risico op gehoorproblemen bestaat er een medicamenteuze behandeling. Deze vraagt echter een langdurige opname (6 weken) in het ziekenhuis en gaat gepaard met een aantal risico’s op korte en lange termijn. Daarom wordt ze niet zomaar aan elke baby met congenitale CMV infectie aangeboden. Uw (kinder)arts zal dit met u bespreken zo uw baby in aanmerking komt voor deze behandeling.

• Sinds 2013 bestaat er ook een behandeling met een medicament dat via de mond kan ingenomen worden, waardoor thuisbehandeling mogelijk is.

• Vaccins om CMV infectie te voorkomen zijn nog in het onderzoeks- en ontwikkelingsstadium. Er lopen wel onderzoeken waarbij de zwangere vrouw CMV-immunoglobulines krijgt.

Opvolging van baby’s met congenitale CMV
Baby’s met bewezen congenitale CMV infectie worden regelmatig opgevolgd wat betreft hun gehoor en hun neurologische ontwikkeling.

• Bij alle baby's met bewezen congenitale CMV-infectie worden binnen de eerste levensmaand onderzocht met een echografie en NMR van de hersenen.

• Het gehoor wordt om de 6 maanden getest tot de leeftijd van 3 jaar en daarna jaarlijks tot de leeftijd van 6 jaar. Wanneer veranderingen in het gehoor worden vastgesteld, kan het nodig zijn frequenter te testen.

• De neurologische ontwikkeling (kruipen, lopen, praten enz.) wordt geëvalueerd op 4 maanden, 1 jaar, 1 1/2 jaar, 2 1/2 jaar, 4 1/2 jaar en 6 jaar.

• Hoewel de kans op latere oogafwijkingen zeer klein is, is het toch aanbevolen jaarlijks een controle te doen bij de oogarts tot de leeftijd van 6 jaar.

• Verder moeten kinderen met congenitale CMV-infectie dezelfde routine opvolging krijgen bij hun arts zoals alle andere kinderen en mogen zij ook alle vaccinaties krijgen.

Kunt u zich laten testen op CMV?
Via laboratoriumtesten kan men nagaan of u reeds een CMV-infectie heeft doorgemaakt. Het is wenselijk dat dit bepaald wordt vóór u zwanger wordt.
Deze testen voorspellen echter niet of de baby gezondheidsproblemen gaat hebben indien tijdens de zwangerschap een CMV-infectie wordt vastgesteld.

In een richtlijn van het Federaal Kenniscentrum wordt voorgesteld een eenmalig serologisch onderzoek te doen bij het begin van de zwangerschap als (relatieve) geruststelling bij bestaande immuniteit en als motivatie van seronegatieve vrouwen om preventieve hygiënische maatregelen te nemen om het risico op infectie te beperken.

Bij de baby wordt de diagnose congenitale-CMV infectie gesteld door onderzoek van de urine (speeksel of bloed zijn ook bruikbaar), binnen de eerste 2 weken na de geboorte. Wanneer men het onderzoek na de eerste 2 levensweken doet, kan het vinden van het virus ook wijzen op een infectie, opgedaan tijdens of na de geboorte.

Bronnen
http://vvkindergeneeskunde.be/userfiles/files/Publicaties/Richtlijnen/CMV-protocol_(3).pdf
www.cmvreg.be/information-for-patients
www.kindengezin.be/img/wetenschappelijk-dossier-cmv.pdf
www.rivm.nl/Onderwerpen/C/Cytomegalovirusinfectie/Cytomegalovirusinfectie_CMV_en_zwangerschap


verschenen op : 16/12/2014

Reageer zelf

verberg bovenstaande gegevens :
je naam en emailadres verschijnen dan niet bij je reactie.
hou me op de hoogte van reacties :
telkens iemand een reactie plaatst bij dit bericht ontvang je een e-mail.
tekens over.
pub